Als minister van Openbare Werken scoorde Hilde Crevits (CD&V) meermaals, als minister van Mobiliteit krijgt de mediatieke West-Vlaamse een dikke buis.

 

Visie

‘Sterk’. ‘Slim’. ‘Snel’. Aan het begin van de regeerperiode vatte Crevits haar beleid in drie kernwoorden samen. Het beloofde te flitsen. Achter die ambitie schuilde ook een groter project: ‘zorgen dat de wegen niet dichtslibben’ en ‘de impact van het verkeer op het milieu en onze gezondheid tot een minimum beperken’. Iedereen onthaalde de West-Vlaamse met open armen: in de eerste regering van Kris Peeters had het electorale goudhaantje haar meerwaarde al bewezen.

Daadkracht

Niet voor niets luidt de bijnaam van Crevits: de ‘betonminister’. Omdat ze de afgelopen bestuursperiode vooral investeerde in infrastructuurwerken. Terecht: Vlaanderen snakte naar een inhaaloperatie. Naar iemand die van aanpakken wist. Crevits legde met een legendarische ijver honderden kilometer nieuwe fietspaden, rijwegen, spitsstroken en tramlijnen aan en ze investeerde ook in slimme verkeerstechnologie.

Maar ondanks een verbeterd wegdek, blijft de Vlaming elke dag uren in de file staan. En nog altijd neemt hij liever de wagen dan het openbaar vervoer. Een maatschappelijk debat over woon- en werkverkeer bleef uit en Crevits kwam veel te laat met haar mobiliteitsvisie (oktober vorig jaar). Bovendien werd die meteen langs alle kanten neer gemept: te vrijblijvend, onsamenhangend en weinig ambitieus.

Initiatieven die wel moesten aanzetten tot een slimme mobiliteit – zoals het project van de slimme kilometerheffing – werden door de eigen (weliswaar inconsequente) coalitiepartners dan weer aan flarden geschoten.

Communicatie

Hilde op de motorfiets. Hilde in een fietspakje. Hilde over een ribbelstrook. Geen week ging voorbij of de West-Vlaamse stond ergens te lande te pronken, tussen de mensen. De spontaniteit zelve, maar ernstig als het moest. En de camera’s smulden van de minister. Communicatie en Crevits?

Twee handen op een buik. Geen enkele andere topper in de regering controleerde zo sterk het beeld dat de buitenwereld te zien kreeg. Zelfs partijgenoot en minister-president Kris Peeters niet. De propagandamachine werkte grandioos, ook omdat de minister zeer nauw samenwerkte met de eigen administratie.

Maar soms deed het allemaal iets te vlotjes aan. De intensieve PR-aanpak moest op verschillende momenten de rol van Crevits doen vergeten of afleiden. Zoals in het Oosterweeldossier. En herhaaldelijk gevraagd naar een politieke analyse en de positie van CD&V, wimpelde Crevits het aanbod altijd vriendelijk af. Wat bij sommigen de opmerking ontlokte: is ze wel uit het juiste hout gesneden om mee te spelen met de echte grote jongens?