Albert Müsing (88)

Eeuwig lid van de jeugdherberg

'Ik heet Albert Müsing. Dat werd al gauw Amusing voor de vrienden. Heel mijn leven heb ik veel gereisd. Ik ging zowel naar Zoersel als naar Noorwegen, het gaf me een gevoel van vrijheid. In mijn stamcafé De Zigeunerkelder, op de Stadswaag, werd er dikwijls over mijn avonturen gesproke. Willy Van der Steen, de schepper van Suske en Wiske, kwam daar ook vaak. Mijn verhalen hebben hem geïnspireerd voor de strip Bert den Trekker, die verscheen in het boekje van de VTB. Op mijn trektochten sliep ik altijd in de jeugdherberg. Ik had betaald voor een eeuwig lidmaatschap van de jeugdherbergen. Je kan die steun best vergelijken met de steun voor een goed doel, voor een ideaal dat ik nastreefde. Ik kan echt zeggen dat de filosofie van de jeugdherbergen een basis voor mijn verdere leven is geweest. Ik mocht dan wel alleen reizen, 's avonds kwamen we in de herberg allemaal samen, alle soorten mensen door elkaar: rijk, arm, Vlaming, Jood. Een fantastische sfeer van kameraadschap! Vooral voor de oorlog was dat grandioos. Altijd had er wel iemand een blokfluit of harmonica bij zich en we dansten tot de vloer uit de voegen barstte.Ik heb dankzij de jeugdherbergen en hun filosofie altijd gezond geleefd. Ik rookte niet en dronk geen alcohol. Uit principe en het was overigens te duur. Wij liepen daar op blote voeten, net voorlopers van de hippies, maar dan zonder drugs en al dat spul. Wij mochten bijvoorbeeld ook niet naar de maskes kijken. De jeugdherbergouders hadden de taak om ons op het rechte pad te houden en dat vond ik goed. Nu staan er verdorie condoomautomaten in de jeugdherbergen! Toch hoor je me niet zeggen dat het vroeger allemaal beter was. Ik ben blij dat ik op zo'n gelukkig leven kan terugblikken en moet nog zoveel dingen doen!'