De Belgische vakbonden blijven bij hun eis naar een loonsverhoging bovenop de index, om de koopkracht van de werknemers te herstellen. Ze krijgen steun van hun vakbondscollega's in de buurlanden.

SOCIAAL

Vakbondsleiders uit België, Nederland, Frankrijk en Duitsland hebben gisteren in Utrecht overleg gepleegd over de stroomlijning van hun strategie tijdens de komende (nationale) loononderhandelingen met de werkgevers in hun land. Vooral voor de Belgische vakbonden is dat syndicale overleg van belang, omdat de Belgische wetgeving een vergelijking oplegt met de loonevolutie in de buurlanden.

Voor het ABVV was onder meer nationaal voorzitter Rudy De Leeuw van de partij, voor het ACV was ondervoorzitter Claude Rolin de delegatieleider.

Heel concrete werkafspraken heeft de bijeenkomst niet opgeleverd. Dat was ook niet verwacht. Maar de vakbondsleiders zijn het er wel over eens dat ze allemaal de eis naar loonsverhoging bovenaan de onderhandelingsagenda zullen plaatsen, 'met bijzondere aandacht voor de slechtst betaalde werknemers'.

Voor ACV en ABVV zal het Belgische loonoverleg niet stoppen bij de indexering van de lonen aan de inflatie. De bruto-lonen moeten omhoog, luidt het. Toch geven de vakbonden toe dat de economische crisis een weerslag zal hebben op de gesprekken. 'De marge voor opslag zal beperkt zijn, daarvoor moet je geen glazen bol hebben', luidt het bij het ACV. En ook: 'Er zal een afweging moeten worden gemaakt tussen bijkomende koopkracht en garanties voor de werkgelegenheid.'

Op 4 november publiceert de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) haar officiële loonrapport, waarna het loonoverleg tussen bonden en werkgevers van start kan gaan.

De CRB zal becijferen hoeveel de Belgische lonen in de periode 2007-2008 gestegen zijn, en een vergelijking maken met de evolutie in de drie buurlanden. Tegelijk volgt de prognose voor de komende twee jaar.

Het is geen geheim dat de vorige loonnorm van 5 procent zwaar overschreden zal zijn, met zowat 2,5 procent. De werkgevers willen dat die overschrijding (deels) in mindering gaat van de marge voor loonsverhogingen in de periode 2009-2010. De inflatie zou alvast op 4,8 procent uitkomen, over twee jaar. Minder kan de loonnorm niet zijn. (jir)