ZEGGEN dat de crash van de in China noterende aandelen een spoor van vernieling achterliet op de wereldbeurzen, is overdreven. Maar heel wat vlot verhandelbare individuele aandelen zakten toch met 4 en 5procent of meer. En dat bleef zeker niet beperkt tot de kleinere aandelen. Het waren integendeel vooral grotere aandelen die fors lager doken. Een teken dat het vooral de professionele beleggers waren die figuurlijk ,,verkochten zonder vragen te stellen''. In de praktijk wil dat zeggen dat ze hun aandelen op de markt gooien tegen elke prijs: ze willen ervan af zijn.

Of dat de beste strategie is, zullen de volgende dagen uitwijzen. Wel zeker is dat in dit tempo de waarderingen snel zakken en dat, zeker als de rente weer daalt, aandelen snel opnieuw in beeld kunnen komen. Gisteren zakte de tienjarige overheidsrente op Duitse obligaties alweer onder de 4procent.

Wall Street en ook de rest van Azië reageerden een stuk rustiger op de Chinese onheilstijdingen dan de Europese aandelenmarkten. Een aanwijzing dat zich vooral hier speculatief geld heeft gevestigd of een uiting van een bange natuur? De Amerikaanse beurzen laten zich voorlopig zoals gewoonlijk minder leiden door andere beurzen. Hoewel de Nasdaq er na goed een halve dag handel toch ook een tweetal procent verloor.

De Bel-20 zakte met 2,9 procent tot 4.387,37 punten. Alle 19 leden van de Bel-20 verloren individueel minstens 1procent. InBev en Agfa-Gevaert gaven zelfs meer dan 5procent prijs.

Agfa-Gevaert zakte met 5,3 procent tot 17,81 euro. De zenuwen van de aandeelhouders gierden extra door de keel, want vandaag publiceert Agfa de resultaten, waarover niet iedereen gerust is. Sinds november 2006 is de dollar immers nog verder gezakt en zijn de prijzen van zilver en aluminium verder gestegen.

Amper vijftien aandelen in Brussel sloten gisteren met winst. Real Software vierde zijn eerste winst sinds 1999 met een 11,3 procent hogere koers tot 0,59 euro.