Goud en vastgoed zijn wel waardevast op lange termijn, maar gevaarlijk op korte termijn

Op lange termijn zijn goud en vastgoed de gedoodverfde beleggingen voor beleggers die bezorgd zijn over de koopkracht van hun kapitaal. Kenmerkend voor de goud- en vastgoedprijzen is immers dat ze op lange termijn mooi parallel lopen met de index van de consumptieprijzen. En ook op korte termijn is de correlatie soms opvallend.

Tussen 1976 en 1982 bijvoorbeeld, toen een galopperende inflatie de economie lam legde en de beurzen onderuit haalde, schoot de goudprijs als een raket omhoog van pakweg 150.000 Belgische frank tot meer dan 700.000 frank per kilo en stegen de vastgoedprijzen met een nooit gezien ritme. Daarmee waren goud en vastgoed wereldwijd zowat de enige beleggingen die de beleggers in staat stelden om de torenhoge inflatie het hoofd te bieden.

En ook tijdens de Tweede Wereldoorlog en de 'roaring twenties' gingen galopperende inflatiecijfers gepaard met sterk stijgende vastgoedprijzen.

Daarnaast kan ook de band tussen de goudprijs en de inflatie op lange termijn onmogelijk ontkend worden. Zo steeg tussen 1950 en 2000 de goudprijs gemiddeld met 4procent per jaar, wat precies overeenkomt met de gemiddelde inflatie tijdens die periode. Op lange termijn kan er dus geen twijfel over bestaan: goud en vastgoed zijn prima als indekking tegen oplopende inflatie.

Op korte termijn durven de goud- en vastgoedprijzen echter al wel eens af te wijken van hun langetermijn-inflatiepad. En het ziet ernaar uit dat we nu midden in zo'n periode zitten. De voorbije jaren duwde speculatie de goud- en vastgoedprijzen de hoogte in, nog voor de inflatie begon op te lopen. Tussen 2001 en begin dit jaar verdrievoudigde de goudprijs maar liefst. En dat ook de vastgoedprijzen de voorbije jaren de pan uitswingden, is algemeen geweten. De goud- en vastgoedprijzen zijn daarmee een stuk vooruit gelopen op de realiteit.

Volgens Carsten Brzeski, econoom bij ING-bank, is het dan ook niet het geschikte moment om in goud of vastgoed te stappen. 'De vastgoedprijzen staan op een hoogtepunt waardoor prijsdalingen de komende jaren niet uitgesloten zijn. En ook de goudprijs is de afgelopen jaren te sterk gestegen. Op lange termijn blijven goud en vastgoed weliswaar waardevaste beleggingen, maar op dit moment zitten er te veel speculatieve elementen in de prijs en zou ik een aankoop nog even uitstellen.'

Dat het gevaarlijk kan zijn om goud of vastgoed te kopen wanneer de prijzen te hoog zijn opgelopen, werd overigens ook een kwarteeuw geleden pijnlijk duidelijk. Na de spectaculaire prijsstijgingen van goud en vastgoed tijdens de jaren70, daalden de vastgoedprijzen in ons land tussen 1980 en 1984 met ongeveer 20procent, vooraleer ze opnieuw konden overeind krabbelen. En de goudprijs kreeg het nog een stuk zwaarder te verduren en bleef kwakkelen tot de eeuwwisseling. Daarmee werden ze allebei met een harde smak terug op hun langetermijngroeipad gezet.

Dat neemt echter niet weg dat vastgoed op lange termijn dé ideale buffer tegen inflatie blijft. De prijsstijgingen volstaan op lange termijn om de stijgende levensduurte te compenseren, en het huur- of woonrendement doen daar nog een schepje bovenop.

Hoewel ook goud traditioneel zeer getrouw de evolutie van het algemeen prijsniveau volgt, is dit edele metaal evenwel toch minder geschikt als inflatiebestendige belegging. Goud heeft immers geen onmiddellijk rendement. Bovendien kan ook de dollargevoeligheid goudbeleggers flink parten spelen. Voor wie op zoek is naar een inflatiebestendige belegging kan de vastgoedmarkt dus soelaas brengen. Maar voorlopig is daar nog geen haast bij. Laat de vastgoedprijzen eerst maar weer met hun voetjes op de grond komen.