BRUSSEL -- De Vlaamse regering houdt vast aan de beslissing om de vervroegde uitstapregeling in het onderwijs af te bouwen. Dat heeft minister-president Patrick Dewael vandaag gezegd tijdens zijn beleidsverklaring in het Vlaams Parlement. Aan de algemene uitgangspunten kan niet worden getornd, maar de Vlaamse regering wil het overleg met de vakbonden over de verdere uitwerking alle kansen geven, aldus Dewael.
Activiteitsgraad moet omhoog

Dewael benadrukt dat de activiteitsgraad in Vlaanderen verhoogd moet worden. In de categorie boven de 50 jaar kent Vlaanderen op dit ogenblik de laagste activiteitsgraad van Europa.

Daarom moeten we op termijn de vele vervroegde uitstapregelingen afbouwen, aldus Dewael. Hij herinnert eraan dat de wettelijke pensioenleeftijd op 65 jaar ligt.

Volgens de minister-president is het opvangen van het nijpend tekort aan leraars één van de grootste uitdagingen voor het onderwijs in de komende jaren. Daarom blijft de Vlaamse regering bij haar beslissing inzake de vervroegde uitstapregeling in het onderwijs. De regering besliste eerder die leeftijd van 55 naar 58 jaar op te trekken, met een uitzondering voor de kleuterleidsters, die op 56 jaar kunnen stoppen.

Debat

Dewael kondigt aan dat minister van Onderwijs Marleen Vanderpoorten de onderwijspartners en alle democratische partijen in de komende weken uitnodigt. Ze wil de objectieve verschillen inzake de werkings- en investeringskosten van de verschillende onderwijsnetten aankaarten.