BRUSSEL/PARIJS - Tussen 1999 en 2002 is de belastingdruk in België gestaag gestegen van 45,3 procent van het bnp naar 46,2 procent. België vormt hiermee een uitzondering binnen de geïndustrialiseerde wereld, waar dalende belastingdruk de afgelopen twee jaar de regel was. Dit blijkt uit een Oeso-rapport.Minister van Financiën Reynders bekritiseerde het rapport al.
Nergens ter wereld, met uitzondering van de Scandinavische landen, is de belastingdruk hoger dan in België. In tegenstelling tot die Scandinavische landen blijft de druk nog stijgen in België. Gestaag, van 43,2 procent in 1990 naar 46,2 procent in 2002 (voorlopige cijfers voor dat jaar).

De tendens de afgelopen paar jaar in de Oeso was een daling van de belastingdruk. De experten schrijven de daling toe aan twee oorzaken. Ten eerste zijn de tarieven her en der verlaagd, om de economie extra zuurstof te geven. Vooral in Europa waren er verlagingen, vooral dan van de hoogste tarieven.

De tweede oorzaak ligt bij de slechtere economische conjunctuur. Doordat de economie slabakt, dalen de bedrijfswinsten en blijven de beroepsinkomsten hangen. Hierdoor is er voor de fiscus minder om te belasten. Lagere inkomsten worden aan lagere tarieven belast.

De gemiddelde belastingdruk lag in de Oeso-landen in 2001 op 36,9 procent. In Europa (ruimer dan de Europese Unie) lag de druk op 39,0 procent in 2002. In de Europese Unie op 40,5 procent.

Zweden is het enige land ter wereld waar de overheid meer dan de helft van de jaarlijks geproduceerde rijkdom opeist. De druk is daar wel gedaald van 54,0 procent in 2000, naar 50,6 procent in 2002.

,, Oude cijfers''

De OESO-cijfers over de fiscale druk zijn verouderd, aangezien ze nog geen rekening houden met de hervorming van de personenbelasting én de vennootschapsbelasting die de vorige regering heeft doorgevoerd. Dat heeft minister van financiën Didier Reynders woensdagnamiddag verklaard in reactie op het recente Oeso-rapport terzake.

Volgens Reynders bevestigen de cijfers wat hij altijd al heeft gezegd, namelijk dat de fiscale druk in de jaren '90 en de eerste jaren van het nieuwe millennium is blijven stijgen en dat een fiscale hervorming dus noodzakelijk was. ,,De cijfers sterken me in de overtuiging dat, eenmaal de huidige belastingverlaging is uitgevoerd, we verder moeten gaan. De Oeso-cijfers tonen inderdaad aan dat de fiscale druk bij ons zeer hoog blijft in vergelijking met onze buurlanden", verklaarde de MR-minister.

Reynders herinnert eraan dat het parlement de hervorming van de personenbelasting pas in juli 2001 heeft goedgekeurd en dat de belastingverlaging slechts progressief in werking treedt. ,,De grootste belastingverlaging is pas voor 2004", luidt het.

De hervorming van de personenbelasting, de herindexering van de fiscale barema's en de afschaffing van de bijzondere crisisbijdrage komt overeen met een daling van de fiscale druk van 5 miljard euro of 2 procent van het BBP, verduidelijkt Reynders nog.

Reynders voegt er nog aan toe dat in de toekomst ook nog zal moeten rekening worden gehouden met de resultaten van de strijd tegen de fiscale fraude en de achterstand in de inning van de belastingen én met de inkomsten die de fiscale amnestie genereert. ,,Die zullen de fiscale inkomsten van de overheid verhogen, maar zorgen niet voor een verhoging van de fiscale druk, aangezien het gaat om een regularisering van een vroegere situatie", besluit de minister.