BRUSSEL -- Zes vaste operatoren -- BT, Codenet, Colt Telecom, Telenet, Versatel, Viatel en WorldCom -- dringen vandaag in een persbericht aan op een verdere verlaging van tarieven voor gesprekken naar mobiele operatoren. De eindgebruiker betaalt in België nog te veel voor gesprekken van vast naar mobiel, is hun stelling.

Volgen de zes blijkt uit een studie van consultant Analysys dat de tarieven die vaste operatoren aan mobiele operatoren moeten betalen voor gesprekken naar een gsm, in België tot drie maal hoger zijn dan de werkelijke kosten.

Toen het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie (BIPT) op 5 december 2000 het statuut van dominante marktspeler toekende aan Proximus, verwachtten de vaste operatoren een sterke daling van de tarieven. De daling dreigt echter een stuk lager uit te vallen dan voorzien en, tot ontzetting van de zes operatoren, ook niet worden ingevoerd met terugwerkende kracht.

Ter verduidelijking, het statuut van dominante marktspeler (SMP) heeft tot gevolg dat Proximus zijn tarieven moet baseren op de werkelijke onkosten. En dat betekent dan weer dat de Belgacom-dochter de interconnectietarieven -- dat zijn de tarieven die Proximus aanrekent aan andere operatoren om gesprekken te laten eindigen op zijn net -- moet laten dalen.

Voor de eindgebruikers heeft dit als effect dat in eerste instantie de oproepen van een vast naar een mobiel toestel zullen dalen. Het BIPT verwacht echter ook dat de andere gsm-operatoren de daling zullen volgen om concurrentieel te blijven.

Volgens de zes operatoren blijkt nu uit eerste onofficiële mededelingen dat enkel een verlaging in de piekperiode van 15 procent van de huidige interconnectietarieven wordt voorgesteld en dit slechts vanaf 15 februari 2001. Een dergelijke regeling vinden de operatoren totaal ontoereikend.

De zes vaste operatoren vragen dan ook minister van telecommunicatie, Rik Daems, en het BIPT om een meer drastische prijsdaling. De lagere interconnectietarieven zouden bovendien met terugwerkende kracht moeten worden ingevoerd vanaf 5 december 2000, datum waarop Proximus het statuut van dominante marktspeler kreeg opgespeld.