PEKING - De Chinese Muur wordt bedreigd door het toenemende toerisme en de bouwsector. In die mate zelfs dat de Brit William Lindesay vorig jaar in Hongkong de internationale stichting 'Vrienden van de Grote Muur' oprichtte. Deze week kende zijn strijd tegen het verval van de Muur een eerste hoogtepunt met de ondertekening van een akkoord tussen VN-cultuurorganisatie Unesco en de autoriteiten in Peking. Er werden een aantal maatregelen aangekondigd om de Muur, die honderden jaren onaangeroerd bleef, in zijn oude glorie te herstellen.

De Muur loopt van de zee bij Shanhaiguan, in de oostelijke provincie Hebei, tot aan Jiayuguan in de Gobiwoestijn, in de westelijke provincie Gansu. Hij werd gebouwd om de Chinese staten te beschermen tegen invallen van de nomadische ruitervolkeren uit het noorden. Het laatste stuk Muur werd gebouwd rond 1500, ten tijde van de Ming-dynastie.

De 45-jarige Lindesay trok in 1987 langs de in totaal ruim 4.000 kilometer lange Muur. Hij wordt erkend als de eerste buitenlander die langs de hele Muur gereisd is. In 1995 verhuisde hij naar Peking om daar de 629 kilometer van de Muur, vaak parallel gebouwd ter verdediging van de stad, te ontdekken. Hij merkte snel de invloed van de economische ontwikkeling van de stad, hetgeen een enorme groei van de vrijetijdsindustrie en een grotere mobiliteit tot gevolg had. ,,Het culturele landschap van de Muur wordt beschadigd. Afval en graffiti zijn slechts de top van de ijsberg'', aldus Lindesay. ,,Ergere problemen vormen de illegale en hinderlijke bouw op of bij de Muur, en de ontwikkeling van slechtgeplaatste toeristische sites.''

De Muur passeert slechts op 50 kilometer ten noorden van Peking, in valleien, steile bergen en bosrijke gebieden. Volgens Lindesay is het heel belangrijk dat de mensen de Muur daar niet zien als een structuur, maar als een landschap. ,,Tien jaar geleden was het grootste deel van de Muur in de omgeving van Peking veilig vanwege de ontoegankelijkheid. Rijke burgers, meer vrije tijd, de auto en spotgoedkoepe ontwikkelingsmogelijkheden vlakbij de Muur hebben een funeste invloed op het landschap''.

Het in de VS gevestigde World Monuments Fund (WMF) bestempelde dit jaar het ,,culturele landschap van de Chinese Muur'' in de buurt van Peking als één van de 100 meest bedreigde culturele sites ter wereld. ,,De Muur is op dit ogenblik een openluchtmuseum zonder curator en daarom moet hij beschermd worden in zijn natuurlijke omgeving'', liet Lindesay weten.

Volgens het akkoord dat woensdag ondertekend werd, zal de stichting 'Vrienden van de Grote Muur' samenwerken met het Bureau voor Culturele relikwieën in Peking om een systeem van stewards op te zetten, die elke een deel van de Muur zullen bewaken. ,,De nadruk ligt op de bescherming van de authenticiteit van de Muur'', zo vertelde Kong Fangzhi, plaatsvervangend directeur van het Bureau. ,,De lokale overheid zal deze week nog een wet stemmen waardoor er niet meer gebouwd kan worden in de buurt van de Muur''.

Lindesay en zijn stichting organiseren in de toekomst vrijwillige opruimingen van vervuilde stukken Muur.