KABUL - De twee commandanten die de afgelopen dagen in het noorden van Afghanistan hevige strijd met elkaar leverden, hebben met hulp van de Verenigde Naties een bestand gesloten. Dat hebben VN-functionarissen en de commandanten vandaag bekendgemaakt.
Tenminste zes mensen zijn omgekomen bij de gevechten tussen troepen van generaal Atta Mohammed, commandant van vier noordelijke provincies, en die van generaal Abdul Rachid Dostum, onderminister van defensie en speciaal afgezant in het noorden van interim-premier Hamid Karzai. De gevechten woedden dinsdag en woensdag in de steden Sare Pul en Shulgara.

De speciale gezant van de VN in Afghanistan, Lakhdar Brahimi, heeft een ontmoeting gehad met Karzai en de minister van defensie, maarschalk Qasim Fahim. VN-vertegenwoordigers hebben de beide commandanten woensdagavond in de noordelijke stad Mazar-e-Sharif ontmoet. De beide zijden accepteerden een bestand dat iedereen in Mazar-e-Sharif verbiedt wapens te dragen, behalve een nieuwe politiemacht van 600 man die wordt samengesteld uit strijders van de verschillende facties in het gebied. Een vergelijkbare, in februari gesloten overeenkomst werd nooit uitgevoerd.

In verschillende delen van Afghanistan woedde de afgelopen weken een factiestrijd, met name in de oostelijke provincie Paktia, waar 28 mensen om het leven kwamen. De gevechten in het noorden zijn van groter belang omdat zowel Atta als Dostum sleutelfiguren in de interim-regering zijn en omdat Mazar-e-Sharif een belangrijke stad is. ,,Conflicten in Paktia zullen de regering niet doen vallen. De gebeurtenissen in Mazar zijn van een andere orde'', zei een westerse diplomaat op voorwaarde van anonimiteit.

De gevechten komen deels voort uit etnische spanningen. Volgens Atta, een etnische Tadzjiek, hebben troepen van Dostum, een etnische Oezbeek, in het noorden Tadzjieken aangevallen. De bevolking van Mazar-e-Sharif is een etnische mix die potentieel kan exploderen in geweld.

Karzai was volgens zijn woordvoerder woedend over de gevechten in Mazar. Hij heeft beide zijden opgeroepen vrede te sluiten. Karzai beloofde een einde te maken aan de gevechten, ,,met wat voor middelen dan ook''. De macht van Karzai is echter beperkt, met name buiten de Afghaanse hoofdstad. Krijgsheren hebben de controle over enorme delen van het land. Sommigen van hen heffen hun eigen belasting en houden er een eigen leger op na. Er bestaat ook twijfel over de loyaliteit van het ministerie van defensie, dat wordt gedomineerd door Tadzjieken van de voormalige Noordelijke Alliantie, aan Karzai, een etnische Pathaan die zonder te vechten de val van de Taliban heeft afgewacht.

Volgens de woordvoerder van de interim-premier zijn de gevechten onacceptabel, maar niet verrassend. ,,We hebben 24 jaar chaos en anarchie achter de rug. Dit soort dingen gebeurt tussen voormalige krijgsheren. Maar het zal de regering niet in gevaar brengen.''