BRUSSEL - De senatrices Anne-Marie Lizin (PS) en Nathalie de T'Serclaes (PRL-FDF-MCC) willen dat klanten van prostituees bestraft worden met een boete of een gevangenisstraf van maximum zes maanden. Dat staat in een wetsvoorstel dat ze gisteren voorstelden.
Het voorstel is geïnspireerd op een Zweedse wet die sinds begin 1999 van kracht is. Hoewel de effecten van die wet nog niet gemeten kunnen worden en ze niet alles regelt, heeft de wet toch een ontradend effect, stellen de senatrices.

Lizin en de T'Serclaes erkennen dat hun voorstel ver van de huidige realiteit staat, maar hun doel is de mentaliteit te veranderen en de idee te verspreiden dat een ,,normaal gebouwde'' man niet moet betalen om seksuele relaties aan te gaan.

De politicae verzetten zich tegen een wettelijk statuut voor de prostituees, die de schijn zou wekken dat het om een beroep zoals een ander zou gaan. Ze willen ook niets weten van het Nederlands model dat speciale prostitutiezones instelt.

De senatrices erkennen dat hun voorstel weinig kans op slagen heeft en dat het op weinig steun kan rekenen van de organisaties die met prostituees werken. Maar het wetsvoorstel moet het debat openen en aantonen dat een discussie over mensenhandel niet veel zin heeft zonder het te hebben over de klanten.

Terugkeer naar de 19de eeuw

Meryem Kaçar (Agalev) vindt het wetsvoorstel van Anne-Marie Lizin en Nathalie de T'Serclaes een terugkeer naar de 19de eeuw. ,,Het is niet één maar veel stappen terugzetten''. Kaçar zelf is auteur van een wetsvoorstel dat de legalisering van prostitutie beoogt.

Ze wees er ook op dat de ervaringen met de Zweedse toestand niet zo positief zijn. Tijdens het colloquium dat Agalev op 6 juli hield over de prostitutie bleek dat de Zweedse klanten van prostituees niet meer in eigen land, maar net over de grens hun behoeften gaan voldoen. Dat zorgt in de grensstreek voor heel wat overlast, werd op het colloquium gezegd.