BOGOTÁ - Zwaarbewapende mannen in militaire uniformen hebben gisteren in het dorp Chengue in het noorden van Colombia 25 mensen afgeslacht. Vervolgens staken zij tientallen huizen in brand en maakten zich met zeven mannen als gijzelaars uit de voeten, aldus de politie.
De slachtoffers, mannen tussen de 22 en 65 jaar, werden een voor een uit hun huizen gehaald, van samenwerking met linkse guerrillagroepen beschuldigd en met kapmessen om het leven gebracht. Ooggetuigen vertelden de politie dat de daders rechtse paramilitairen waren.

Vorig jaar werden bij massamoorden in Colombia 1.226 burgers omgebracht. Rechtse paramilitairen worden voor de meeste bloedbaden verantwoordelijk gehouden. Verbreking van de banden tussen de paramilitairen en delen van het geregelde Colombiaanse leger en beteugeling van het rechtse geweld zijn belangrijke voorwaarden voor de voortzetting van Amerikaanse militaire hulp aan Colombia in het kader van een campagne tegen de drugshandel.

Voor de grootste linkse guerrillagroep, de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia FARC, was de veronderstelde samenwerking tussen het leger en de rechtse paramilitairen in november reden om de vredesbesprekingen met de regering op te schorten. Na hernieuwde contacten met de regering heeft FARC-commandant Manuel Marulanda deze week gezegd dat de hervatting van de onderhandelingen nabij is.