Gisteren werkte Vinktenaar Jordaan Graveel(45)nog de bladeren weg als werknemer bij de groendienst van de stad Deinze in de omgeving van het kasteel Ooidonk. Morgen vliegt hij vanuit Zaventem naar Katmandou in Nepal. Op 23 november wil hij als eerste Belg, samen met enkele collega's, de top bereiken van de 7.126 meter hoge Himlung Himal. Een dag na Sinterklaas hoopt hij weer in Vinkt terug te zijn. Na 20 jaar klimwerk vormt de expeditie een nieuwe uitdaging voor de sportieve Vinktenaar. Misschien kan men hem wel eens de trofee voor de sportverdienste van de stad geven.

Jordaan Graveel is met de nieuwe expeditie naar het hooggebergte niet aan zijn proefstuk toe. Toch blijft iedere poging om een berg te bedwingen fascinerend.

Jordaan Graveel: ,,Met het hooggebergte maakte ik kennis in 1977. Ik vond het spannend wat bergbeklimmers deden en deed een paar trekkings mee. In 1984 maakte ik dan kennis met het echte klimwerk. Tot in 1989 deed ik ervaring op met Oostenrijkse berggidsen. Ik was immers geen pure ,berggeit' of klimmer. Pas daarna ben ik ieder jaar naar het hooggebergte getrokken buiten Europa. Ik vond de bergwereld zo fascinerend dat ik me waagde aan enkele belangrijke expedities. Ik leerde veel van Rudy Van Snick. Op die manier trok ik naar China, beklom de Mount Mc Kinley in Noord-Amerika en de Aconcagua in Argentini¿e. Een paar keer al was ik in Nepal. Nu beklimmen we een berg die tot in 1992 verboden was te betreden. Alleen 2 Franse expedities en 1 groep Japanezen bereikten tot nu toe de top. Wij zijn met twaalf, tien mannen en twee vrouwen. Vorig jaar dienden we door omstandigheden thuis te blijven nu mag het niet mislukken.''

Je viert uw verjaardag op de top?

Jordaan Graveel: ,,Als alles meezit, het is daar nu herfst in Nepal, zitten we op 16 november, de dag dat ik 46 jaar oud word, in het basiskamp op 4.850 meter (zo hoog als de Mont Blanc in Frankrijk) op de grens met Tibet. De Nepalezen die met ons meegaan als drager zullen zeker een taart aanbieden. Dan zijn we al 10 tot 11 dagen aan het klimmen. Nadien stellen we nog drie hoogtekampen op. Het laatste komt op 6.450 meter. Op 23 of 24 november willen we een poging doen om de top te bereiken.''

Je leeft toch niet van taart alleen? Neem je wat mee?

Jordaan Graveel: ,,Ded dragers slepen natuurlijk alles mee naar de kampen. Tijdens het klimwerk zelf eet ik kleine beetjes zoals een brokje chocolade en een bifi-worst. Ik neem er zo'n 50 uit Belgi¿e mee. Verder drink ik soep uit pakjes en lust wel wat spaghetti. Het is wel de passie die me dan naar de top drijft. Ik mag anders niet klagen over de gezondheid en heb nog geen hoogteziekte gekregen. Misschien komt dat omdat ik altijd te Deinze aan de boorden van de Leie tussen het groen werk?''

Is het moeilijk om de conditie te onderhouden en is de expeditie betaalbaar?

,,Thuis rook ik wel een sigaretje. Daar niet. Anderzijds ga ik tijdens de zomer veel fietsen en ben op mijn werk veel buiten. Financieel kost zo'n trekling natuurlijk geld maar hetgeen ik doe blijft onvergetelijk. Alleen is het spijtig dat al mijn vakantie meteen opgebruikt is. Ik ben immers meer dan een maand weg. Een echte sponsor hebben we niet. Belgacom geeft ons een satelliet-telefoon mee maar het is best mogelijk dat we die niet eens kunnen gebruiken. Veel zal afhangen van de verbindingsofficier van het leger die met ons meetrekt. Als ik op 7 december terug ben zal de Deinse vlag op de top van de Himlung Himal wapperen.''(John De Vlieger)