In de ateliers van dieren- en archeologisch conservator Dirk Claesen wordt de laatste hand gelegd aan de reconstructie van een authentiek jagers/verzamelaarskamp uit de steentijd. Dat is 12.000 jaar voor onze tijdsrekening. Het kamp wordt een replica van een in kaart gebrachte voorhistorische site uit de buurt van de Kempense gemeente Meer.

De KU-Leuven zocht Dirk Claesen aan om het kamp mét personages en bezigheden authentiek te reconstrueren. Het project wordt van 15 september tot eind december tentoongesteld in het Stedelijk Museum van Hoogstraten. Een gesprek met realisator Dirk Claesen.

  • Waarom werd jij aangezocht om dit toch uniek project te realiseren?
  • Claesen: ,,Blijkbaar heb ik via het mouleren van olifanten, en andere haarloze dieren bekendheid gekregen. Ook het gegeven dat wij voor het natuurhistorisch museum in Brussel een aantal authentieke Neanderthalers hebben ontwikkeld heeft mijn atelier in de bekendheid gebracht. Ik ben fier deze opdracht te hebben gekregen al weet tot nu toe niemand hoeveel het project exact gaat kosten. Het is voor mij een uitdaging om via enkele minuscule vondsten zoals pijlpunten en silexstenen toch een authentiek jachtkamp te mogen reconstrueren.''

  • Waarover handelt de tentoonstelling en meer bepaald jouw onderdeel?
  • ,,De tentoonstelling omvat drie grote onderdelen waaronder een diorama via hetwelk het leven in de Steentijd in een natuurlijke omgeving wordt nagebootst, een archeoligisch onderdeel met wat uitleg over het opzoekingswerk en de historiek van de opgravingen in de site van Meer.

    Ik heb de constructie van het diorama voor mijn rekening genomen. De bewoners van het kamp kappen voor hun tent die bestaat uit huiden, steen tot werktuigen. Jagers komen terug van een succesvolle jacht, maken vuur en bewerken huiden, geen en gewei. De kinderen wille maar al te graag helpen. Het wordt een reconstructie op ware grootte van bomen, planten, dieren en mensen. We hebben een aantal activiteiten van de bewoners van onze contreien van voor 14.000 jaar waarheidsgetrouw nagemaakt. Zo kunnen de bezoekers een authentieke silexkapper aan het werk zien, zie je een andere kampbewoner lederen huiden schrabben terwijl een derde bezig is met het monteren van pijlen. Kortom het wordt een aansprekend diorama.''

  • Waar haal je alle materiaal vandaan, wie begeleidt je, kun je ergens met je problemen terecht?
  • ,,We hebben een degelijke begeleiding vanwege het Instituut voor het Archeologisch patrimonium en het Laboratorium voor Prehistorie van de Leuvense Universiteit. Gegeven is echter dat er nauwelijks voorwerpen gevonden zijn op site uit het Paleoliticum en dat wij ons moeten behelpen met de kleine dingen om grootse reconstructies neer te zetten. Zo hebben we ondermeer een silexkapper onder de arm moeten nemen de houding van een steenkapper te reconstrueren. Net hetzelfde scenario voor de nabootsing van bijvoorbeeld de bewerking van een hertengewei tot een bruikbaar voorwerp.

    De jacht nabootsen lijkt misschien evident, maar je moet wel weten dat bijvoorbeeld in die periode in ons land geen konijnen leefden, dat er geen karperachtigen in onze waters zwommen en dat de aanwezigheid van de specht betwist wordt. Dus een boom gebruiken met een authentieke spechtenopening is uit den boze. Welke knopen legden onze voorouders bij het knopen? Niemand die daar een antwoord op kan geven. Zo stuit je bijna dagelijks op nieuwe problemen. We hebben de mosterd niet uitgevonden doch we willen toch vermijden dat er opmerkingen komen van de ,,specialisten'' inzake prehistorie.'' (CDW)