De 32-jarige Clint Haelterman uit Zottgem is vrijdag door het West-Vlaamse hof van assisen schuldig bevonden aan moord. De jury weerhield zowel de doodslag als de voorbedachtheid. Volgens het openbaar ministerie had de man een duidelijk plan opgezet om orde op zaken te zetten. De verdediging pleitte doodslag, maar geen moord.

De laatste dag van het proces begon vrijdag met een kort pleidooi vanwege de burgerlijke partijen. Zij stelden dat Jan-Pierre Vercaemere op 5 oktober 2000 in een kille loods nabij het kringloopcentrum langs de Werkvikstraat in Menen een gruwelijke dood stierf. Zij wezen ook op de familie en vrienden van het slachtoffer die met hun verdriet achterblijven. "Vercaemere kende een normaal leven tot in 1998", pleitte meester Frank Glorieux. "Toen staken financiële problemen de kop op. Vercaemere was te koppig om hulp te vragen. Hij wilde de zakenman zijn maar was het niet. Nu heeft hij ook weinig spijt."

Procureur-generaal Koen Wittouck pleitte dat de beschuldigde met een plan naar Menen was getrokken. Hij zou er afrekenen met Vercaemere en de schuld doorschuiven naar Velghe. Die laatste werd trouwens een tijdje gearresteerd in deze zaak. Volgens de procureur moet ook het aspect 'Albanezen' afgezwakt worden. Het zou niet gaan om de grote maffiabazen. De personen in kwestie kwamen in de loop van het proces gewoon getuigen.


Frankske
Meester Johan Platteau begon zijn pleidooi met een verwijzing naar de feiten tussen de beschuldigde en zijn ex-echtgenote. Hij kreeg toen 18 maanden cel nadat hij ze had geslagen met een beitel. Toen hij uit de gevangenis kwam, werd hij benaderd door personen die zijn verdere leven zouden bepalen. ,,Ze dachten aan hem een frankske te verdienen'', pleitte Platteau die hem excuseerde maar in dit dossier niet anders kon dan ook een stuk het proces te maken van het slachtoffer. "Als je bij de hond slaapt, vang je de vlooien'', weerklonk het. "Vercaemere had hem opgelicht en Haelterman ging nu hetzelfde doen met hem. Vercaemere dacht volgens mij nooit dat hij daartoe in staat was. Daarom scheepte hij hem ook af met zogezegd 142 miljoen aan Iraakse dinars. Zijn twee miljoen heeft hij alvast niet gekregen. Mocht hij die al hebben gehad, dat was trouwens zijn doel, dan zou hij nooit meer op de dag van de feiten naar Menen zijn gegaan. Hij kon trouwens ook niet vooraf weten dat hij daar alleen zou zijn met Vercaemere."


Verzachtende omstandigheden
Het openbaar ministerie vorderde 25 jaar rekening houdend met diverse verzachtende omstandigheden. De maximumstraf was levenslang. Zo weerhield de procureur-generaal dat er een aanzet is tot spijt en dat de beschuldigde bereid is om de juiste draad op te nemen. De verdediging zag nog meer verzachtende omstandigheden zoals zijn leeftijd, zijn werkkracht in het verleden en de relatie tot het slachtoffer. ,,Die relatie heeft zeker tot de feiten bijgedragen'', pleitte Platteau. ,,Daarom vraag ik mildheid.''

De beschuldigde zelf uitte telkens hij het woord kreeg zijn spijt.