Eeen zakje friet kost 1,40 euro'', antwoordde een van de meisjes na enig zoeken toen de juffrouw vroeg wat deze Belgische specialiteit na 1 januari gaat kosten. De leerlingen van het Binnenhof, een school voor kinderen met een mentale handicap, maakten gisteren op hun school een reis door Europa en maakten kennis met de specialiteiten van elk land.

Het Binnenhof is een buso school voor jongeren van 13 tot 21 jaar met een mentale handicap. Het team probeert de 120 leerlingen voor te bereiden op het leven in de maatschappij. Voor sommigen wordt dat een dagcentrum, voor anderen een beschermde werkplaats. De derde en grootste groep kan in een gewoon arbeidsmilieu werk vinden.

Het Binnenhof wijdde de afgelopen weken aandacht aan de euro. Leerkracht Kristien De Meyer: ,,Onze leerlingen hebben schrik van de euro. Rekenen is voor hen al moeilijk. Wij proberen hen daarom op een speelse manier vertrouwd te maken met de nieuwe munt, want dat werkt beter dan saaie rekensommen''.

Alle klassen kregen als opdracht één van de Europese landen te bekijken, elk volgens zijn niveau. Ze zochten de specialiteiten op, gingen producten uit deze landen kopen en noteerden de prijzen in euro.

De kinderen met een ernstige handicap kregen België toegewezen. Zij leerden de leden van de koninklijke familie kennen via een foto op een blikken koekjesdoos en lieten zichzelf, verkleed, in dezelfde pose fotograferen. Alleen moesten ze prinses Mathilde erbij verzinnen, want die stond nog niet op de doos.


Skilatten
Gisteren werd het schooljaar afgesloten met een feestelijke Binnenhofdag. Het programma startte met een parade van de Europese vlaggen. ,,Europa is zoiets als onze school'', legde directrice Geertrui Struye uit, ,,er zijn verschillende groepen die proberen samen te werken. Dat is plezieriger en gemakkelijker''.

Daarop gingen alle klassen bij elkaar op bezoek. Met het uitvoeren van allerlei opdrachten konden ze euro's verdienen en die hadden ze nodig om hun middagmaal en hun ijsjes te betalen. Oostenrijk leerde de kinderen met drie op skilatten stappen, in Frankrijk moesten ze een kaartenhuis bouwen dat op de Eiffeltoren geleek en in Italië werden ze geconfronteerd met de maffia die een deel van hun geld opeiste. Portugal kreeg het bezoek van een gepensioneerde lerares, die Portugees spreekt en de kinderen van 1 tot 10 in die taal leerde tellen. Dat lukte goed. Proficiat, zei ze, maar dan in het Portugees.