Advocaat Piet Van Eeckhaut zag zijn cliënt Danny Dhondt op 29 maart 1994 veroordeeld worden door het hof van beroep in Gent tot een gevangenisstraf van acht jaar. Oorspronkelijk kreeg Dhondt omwille van drugsbezit en -handel in Eerste Aanleg slechts vijf jaar. ,,Ik had toen en heb nu nog steeds een wrang gevoel van overbestraffing. Als advocaat ben je bij zulke straffen uiteraard teleurgesteld. In de grond gaat het om een man die getekend was door drugsgebruik. Een te lange straf levert weinig op. Zonder kritiek te willen uiten op de magistratuur, merk in deze zaak toch een bijzonder flauwe toepassing op van de wet Lejeune inzake de vervroegde invrijheidstelling. Ik begrijp de bitterheid van de ouders in dit dossier, al heb ik niet de indruk dat het gerecht hem onheus behandelt. Men werkt nu aan een reclasseringsplan. Mijn cliënt is nog vrij jong. In de recente commissievergadering is de aanvraag tot voorwaardelijke invrijheidstelling afgewezen, omdat men twijfelt aan de nieuwe integratiemogelijkheden van mijn cliënt'', reageert mr. Van Eeckhaut.

,,Als advocaten hebben we echter geen enkele bevoegdheid om te reageren tegen de overplaatsing naar een andere gevangenis. Dat is de autonomie van de penitentiaire instellingen'', besluit de bekende Gentse raadsman. (JVDV)