Thérèse Plaetevoet van De Statie is er het hart van in. Volgend jaar gaat haar café tegen de vlakte. Dat lot is ook de aanpalende herberg 't Coqsje en nog twee andere woningen beschoren. Zo verdwijnt weer een volkse buurt voor het zoveelste flatgebouw. ,,Ik heb hier onlangs nog voor honderdduizenden franken renovaties gedaan. En ik krijg niet eens een vergoeding voor mijn café'', klaagt Thérèse.

,,Ik was van plan mijn café over te laten. Kijk, ik heb hier een akkoord met een overnemer voor 800.000 frank. Daar kan ik dus naar fluiten. Ze zetten me hier zelfs buiten zonder ook maar enige financiële compensatie'', aldus Thérèse. ,,Ik heb onlangs nog honderdduizenden franken uitgegeven om mijn café te renoveren. Ik verhuis straks met mijn man naar Alveringem. Hopelijk kan ik een beroep doen op een of andere sociale kas.''

Thérèse is 52 en ondanks alle tegenslag laat ze zich niet doen. Ze hoopte nog iets via de vrederechter uit de brand te slepen, maar donderdag zag het ernaar uit dat die hoop ijdel was. ,,Ik had er zo op gerekend om hier in schoonheid afscheid te kunnen nemen. Ik was bereid om de nieuwe uitbater op tijd en stond een handje te komen helpen. Op die manier zou ik nog vaak mijn goede klanten terugzien, want dit is mijn leven. Maar het mag dus niet zijn. Dit moet allemaal weg voor een zielloos appartementsgebouw.''


Werkmanspintje
De Statie bestaat al zo'n vijftig jaar. Samen met 't Coqsje en de kleine woningen eromheen vormt dit café een volkse buurt in de nabijheid van het station van Veurne. ,,Ik had hier een goede clientèle. Allemaal vrienden onder mekaar. Bij mij konden de mensen nog een werkmanspintje drinken voor 40 frank. Niet zoals op onze Grote Markt, dus. Wanneer iemand jarig was, deed ik iedere klant een halve liter bier cadeau. Zo ging dat bij ons. Uiteraard kreeg ik ook veel treinreizigers op bezoek. Ieder jaar ook kwamen mensen na de Boetprocessie binnen. Zelfs nonnetjes. Vorige maand nog riepen ze me tot afscheid toe: 'tot volgend jaar'. Ze zullen raar opkijken wanneer ze hier nog eens langskomen'', zegt Thérèse.

,,Op 22 december houd ik mijn laatste avond open'', besluit ze. ,,Het zal met een lach en een traan zijn. We zullen beslist nog een avond leute maken, want zo zijn we. Maar de pijn om het afscheid zal er ook zijn. Die avond zullen de klanten ook voor de laatste keer aan de bel boven de toonbank trekken: het teken dat ze een tournee générale willen geven.''