Binnenkort vertrekken een twintigtal overleden missionarissen vanuit hun Boortmeerbeekse rustplaats naar een ander vredig oord in Hever. Deze allerlaatste reis is nodig om de vrede te bewaren met de oud-strijders. Afgestorvenen van de beide groepen nog langer naast mekaar begraven kan niet meer.

Er zijn bijzonder onrustige tijden op komst voor de doden op het Boortmeerbeekse kerkhof. Binnenkort verhuizen er immers een twintigtal missionarissen naar het kerkhof van Hever. Die allerlaatste reis komt er na een meningsverschil tussen de oud-strijders en de gepensioneerde missionarissen. Voor de beide groepen heerst er plaatsgebrek en allebei verzetten ze zich tegen begraving op gespreide plaatsen.

Burgemeester Michel Baert: ,,De missionarissen kochten ooit een stuk grond op het kerkhof van Boortmeerbeek om hun doden te begraven. De oud-strijders rusten echter naast de graven van de missionarissen. Op zich is dat natuurlijk geen probleem, maar door plaatsgebrek dreigen zowel de oud-strijders als de missionarissen verspreid te raken over het kerkhof. Het spreekt voor zich dat de beide partijen daar niet akkoord mee kunnen gaan. De missionarissen willen bij elkaar liggen en de oud-strijders willen naast elkaar rusten. Problemen in zicht dus, maar ondertussen viel er al een oplossing uit de bus.''

Na onderhandelingen kreeg het gemeentebestuur de toelating om de missionarissen op te graven en over te brengen naar een stuk grond op het kerkhof van Hever. Maar daar zijn voorwaarden aan verbonden. Baert: ,,Het spreekt voor zich dat we die mensen met alle eerbied zullen opgraven en herbegraven. Daarnaast dragen wij ook alle kosten van het begin tot het einde. We verwachten ons aan een kostprijs van ongeveer 25.000 euro en dat bedrag hebben we dan ook op de begroting voorzien. Het bijkomende voordeel aan de verhuizing is dat we nu meer plaats zullen hebben in Boortmeerbeek voor gewone begravingen.''