De Koninklijke Stadsfanfaren van Izegem vierden zaterdag feest. En daar hadden ze heel wat redenen toe. Er was niet alleen de jaarlijkse Ceciliaviering, naar aanleiding van de promotie naar superieure afdeling, werd de oudste fanfare van het land op het stadhuis ontvangen.

De Koninklijke Stadsfanfaren van Izegem zagen het levenslicht in 1806 en zijn de oudste fanfare van het land. In '81, naar aanleiding van het 175-jarig bestaan, vonden de ,,dagen van de blaasmuziek'' plaats. Enkele jaren geleden, in '97, werd het trommelkorps nationaal kampioen. En in april dit jaar promoveerden de Stadsfanfaren met grote onderscheiding naar superieure afdeling.

Een erkenning waar dirigent Hans Demeurisse en zijn ruim vijftig muzikanten best trots op zijn. ,,West-Vlaanderen telt in totaal negen korpsen in superieure. Voor het eerst in onze geschiedenis horen wij daar nu ook bij'', aldus de dirigent.

Voor wie de promotie ook een bekroning was, was voor de ,,anciens'' van de Stadsfanfaren. Herman Demeurisse (60) blaast al vijftig jaar bij de Stadsfanfaren, Roger Vanwijnsberghe (77) en Sylvain Seynaeve (80) zelfs al 65 jaar.


Leeftijd
,,Ondanks onze leeftijd, zijn we nog op alle repetities aanwezig'', verzekert bugelspeler Sylvain Seynaeve. ,,En op de Ceciliaviering zijn we er ook nog graag bij.''

,,Ik was 12 jaar toen ik lid van de Stadsfanfaren werd'', herinnert Roger Vanwijnsberghe, ook een bugelspeler zich nog. ,,Mijn peter en vader speelden ook muziek, dus besloot ik hun voetsporen te treden bij de Stadsfanfaren.''

,,Ik koos voor de Stadsfanfaren omdat dit een neutraal muziek was, niet aan partijen gebonden. Aan vriendjespolitiek ben ik niet, aan vriendschap des te meer'', vult Herman Demeurisse, die cornet speelt, aan. ,,En na vijftig jaar heb ik hier nog altijd mijn vrienden.''


Veranderd
,,Of er na vijftig, zestig jaar veel veranderd is? Zeker'', zijn de drie muzikanten het eens. ,,De muziek is in ieder geval stukken moeilijker geworden'', vindt Roger.

,,Toen ik met muziek begon, was de muziekschool net gestart'', weet Herman nog. ,,In onze tijd bestond er geen muziekschool'', herinnert Sylvain zich. ,,Wij moesten het leren van de dirigent.''

,,Of de promotie van ere naar superieure een hoogtepunt is in onze muzikale loopbaan? Toch wel. Het is altijd leuk als muzikant iets te kunnen bereiken. Daarom gaan we er nog zolang we kunnen, mee door. We hebben de burgemeester gezegd dat hij ons binnen vijf jaar weer mag verwachten.'' (VDM)