Vlaams minister van toerisme en werkgelegenheid Renaat Landuyt zal actief meewerken aan de inplanting van een streekbezoekerscentrum op de site van de Groeningeabdij. Die toezegging deed hij gisteren tijdens een werkbezoek aan Kortrijk.

De inbreng van zijn kabinet, het Toerisme Vlaanderen, in de nieuwbouw raamt hij op één miljoen euro. Die middelen legt hij op tafel. De vraag wat er nog overblijft van de plannen om in Kortrijk een museum van de Vlaamse ontvoogding uit te bouwen, liet Landuyt onbeantwoord. Hij schoof ze door naar burgemeester Stefaan De Clerck. Die gaf toe dat Antwerpen van minister-president Dewael prioriteit had gekregen op Kortrijk.


Ontvoogding
,,De idee van een museum voor de Vlaamse ontvoogding blijft evenwel overeind'', zo benadrukten museumconservatoren Isabelle De Jaegere en Greet Verschatse. Zo zal de 16de-eeuwse kapel, kant Groeningestraat en momenteel in gebruik voor tijdelijke tentoonstellingen, een nieuwe invulling krijgen rond het thema Guldensporenslag. Daarbij vertrekt men van uit het heden en gaat men geleidelijk terug in de tijd.

De 19de-eeuwse Arme Klarenkapel wordt ingericht als auditorium voor een tachtigtal personen. De zitplaatsen worden geïnstalleerd op treden, waarin plaats vrijkomt voor een schatkamer, waarin enkele 14de-eeuwse voorwerpen worden tentoongesteld zoals munten, een goedendag, een gulden spoor en andere wapenuitrusting. Hoofdbrok vormt de vertoning van de kortfilm 1302, de slag die op 6 juli in première gaat.


Vlas
Het streekbezoekerscentrum wordt ondergebracht in een nieuwbouw naast het dormitorium en zal de hele regio Zuid-West-Vlaanderen voorstellen. Het kadert in het Leie-actieplan van Landuyt en zal een staalkaart bieden voor alle toeristische bezienswaardigheden.

,,Het wordt de toeristische hefboom voor de streek'', aldus Landuyt die daarvoor de medewerking krijgt van de VZW Toerisme Leiestreek (provincie). Een van de grote thema's wordt het vlas. Zonder het bestaande nationale vlasmuseum concurrentie te willen aandoen, zal worden bekeken hoe de verschillende fasen van de vlasproductie kunnen worden getoond. Twee roterijen - één in Kuurne, één in Wevelgem - en Preetjes Molen kunnen hier volgens schepen van toerisme Bral een rol spelen. In september worden daartoe de eerste concrete stappen gezet.