,,Ik een grote? Maar nee, nog niet. Nog lang niet. Ik ben alleen goed bezig.'' Filippo Pozzato, gisteren ritwinnaar en leider in de Tirreno-Adriatico, voelt er niks voor om meteen in de hemel te worden geprezen als het nieuwe Italiaanse godenkind. ,,Vorig jaar werd nauwelijks gerept over mijn 14 overwinningen voor het derdeklasseteam van Mapei. Nu echter wordt er zoveel kabaal gemaakt omdat ik drie keer win. Waarom?''

Omdat het treffers zijn van een heel ander kaliber natuurlijk. Niet langer ritjes in de Ronde van Normandië of Bohemen, maar successen in groot gezelschap. Voor de neus van het Quick Step-duo Bettini-Paolini pakte Pipo gisteren zijn derde winst van het seizoen. Na de Italiaanse openingskoers in Laigueglia en de Ronde van de Etna. Om het even niet te hebben over zijn zesde stek in de Omloop Het Volk.

Pozzato: een rijzige kerel van 21 en toch begonnen aan zijn vierde jaar als prof. Het gaat razend snel. ,,Filippo is er vroeg bij'', erkent ook ploegleider Ferretti van Fassa Bortolo. ,,Ik zal erover waken dat hij met de voetjes op de grond blijft. Maar zeg me eens, heb jij er al veel groot zien worden op hun dertigste?''

Pozzato schreef zijn sensationele seizoenbegin toe aan een combinatie van drie factoren. ,,Goeie conditie, een sterke ploeg die me vertrouwen schenkt én een flinke dosis geluk.'' Wat heet echter geluk? Een paar dagen geleden liet de man uit de buurt van Vicenza zich ontglippen dat hij het wel zag zitten met die aankomst in Tarquinia. Een van die typische stadjes op de kruin van een helling immers. Smalle straatjes, gladde plaveien en vooral een streep na twee kilometer behoorlijk klimmen.

,,Genoeg om de echte sprinters voor hun gebreken te zetten'', beaamde Pozzato. ,,Wie op dat laatste colletje niet in de staart van de groep belandde, zakte weg in de slotkilometer. Ik wist wel wat daar te wachten stond. Ploegmaat Roberto Petito, een man van de streek, had me verwittigd: maak er geen lange sprint van. Wie dat doet, valt onvermijdelijk stil. Bovendien zorgde Petito er ook nog eens voor dat ik in volle eindrush uit de omstrengeling raakte.''

Pozzato catalogeerde het gemakshalve allemaal onder de noemer geluk. Terwijl hij daar toch uit het spoor van specialist Danilo Di Luca kwam gestoven en er helemaal geen finishfoto nodig was om de winnaar te kennen. ,,Ik sta er zélf van te kijken'', beaamde de man met de wilde, blonde lokken. ,,Het gebeurde dan nog voor de ogen van Gianni Bugno, mijn idool. Ooit hoop ik op hem te gelijken. Ooit...''