Glasvezel tot in de huiskamer?
Foto: © NO BYLINE
Belgacom denkt erover na om glasvezel te leggen tot in de huiskamer. Dat zou een reden zijn voor optimisme. Het zou namelijk kunnen betekenen dat we onze Belgische achterstand op dat vlak kunnen beginnen wegwerken.

Maar als we zien hoe onze twee grote breedbandleveranciers -Belgacom en Telenet- met hun huidige netwerk omgaan, dan moeten we ons toch afvragen of dat wel een goed idee is.

De nationale telecomregulator BIPT heeft Belgacom bevolen om zijn VDSL-net open te stellen voor andere internetaanbieders. Belgacom heeft dat bevel zonder veel omhaal verticaal geklasseerd. In België kan dat.

Zijn wat oudere en tragere ADSL2+ netwerk wil Belgacom dan eindelijk toch openstellen, tegen het midden van 2008. Zoals het BIPT al had gevraagd in oktober 2005. Het BIPT vroeg toen trouwens ook al de openstelling van VDSL. Dat is drie jaar tijd 'gewonnen' voor Belgacom, en drie jaar lage snelheid en hoge prijzen méér voor ons.

Ja, Belgacom kent iets van vertragingstechnieken. Dat bewees het vorige week ook in een andere arena. Het draaide zijn concurrent Telenet een flinke loer. Telenet was er eind vorig jaar in geslaagd -of dat dacht het toch- om een monopolie te verwerven op digitale televisie in Vlaanderen. Het bedrijf had namelijk in een onderhandse transactie de rechten overgenomen op het netwerk van Indi, dat een derde van Vlaanderen beslaat. Belgacom ziet niet graag dat Telenet zich versterkt, en wil dat akkoord dus tegenhouden -of toch zolang mogelijk. Hoe pakt het dat aan? Door te doen alsof het zélf de rechten op de Indi-kabel wil kopen. Voor de rechter claimt Belgacom dat het geen eerlijke kans heeft gekregen om te bieden, en in kort geding heeft Belgacom nu gelijk gekregen. De verkoop aan Telenet is op die manier voorlopig geblokkeerd. Wat de Belgische politici trouwens iets meer tijd geeft om goed na te denken over de implicaties van een volledig Telenet-monopolie op de kabel.

Belgacom-baas Didier Bellens kan heel overtuigend uitleggen waarom het zo belangrijk is dat Telenet geen totale controle krijgt over de kabel. Zijn argumenten zouden overtuigender klinken als hij zelf tegelijk niet aan het proberen was om, via de overname van Scarlet, zijn eigen monopolie over de Belgische telefoonkabel te herstellen.

Het komt Telenet mooi uit om naar de almacht van Belgacom te wijzen, en vice versa, telkens wanneer het zijn eigen machtspositie wil verstevigen ten koste van de kleintjes, die ondertussen zowat allemaal van de markt zijn verjaagd of gevlucht. De publieke woordenstrijd creëert de voor politici geruststellende illusie dat Telenet en Belgacom echt met elkaar concurreren. Maar dat is niet het geval -kijk maar naar de ongewoon hoge prijzen die beide leveranciers in ons land nog steeds kunnen hanteren. Hopelijk hebben we morgen een minister voor Informatisering met voldoende kennis en gewicht om daar iets aan te doen.

Dus, wat als Belgacom inderdaad schoorvoetend begint aan het aanleggen van een glasvezelnet tot aan de deur? Dat zal dan misschien nieuwe internettoepassingen mogelijk maken. Maar het zal zeker de concurrentie niet bevorderen, want wij weten dat Belgacom zo'n technologische vooruitgang telkens opnieuw aangrijpt om zijn kleinere concurrenten uit de markt te werken. Dat is niet echt een stap vooruit.

Dominique Deckmyn is hoofdredacteur van het magazine 'ITProfessional'.

www.standaard.biz/ecolumn