Voor wie zijn geld op korte termijn nodig heeft, is een deposito geschikt, maar niet om het lang te parkeren.

Van onze medewerker

Op Belgische spaarboekjes staat ondertussen al meer dan 220 miljard euro: dat kan moeilijk allemaal geld zijn dat bestemd is om op korte termijn uit te geven (helaas voor onze middenstanders).

Natuurlijk wachten ook veel mensen op een hogere langetermijnrente om het dan in obligaties te beleggen. Maar de vraag is of de rente op langere looptijden inderdaad veel zal stijgen.

Johnny Debuysscher, obligatiespecialist van Petercam, betwijfelt dat: ‘De rentecurve is al heel steil.' Dat wil zeggen: hoe verder je in de looptijden gaat, hoe hoger de rente oploopt en nu is dat verschil heel groot. Concreet: op lange termijn krijg je nu in verhouding veel meer dan op korte looptijden.

Sommige mensen vrezen dat de inflatie en de rente op termijn uit de hand kunnen lopen. Maar Debuysscher meent dat de langetermijnrente niet zoveel zal stijgen. Door te wachten op een (veel) hogere rente verlies je dan geld omdat je op de korte termijnen nog minder rente krijgt.

In de tabel staan de best presterende obligatiefondsen in euro die in staatsobligaties beleggen over de jongste drie jaar. Zowel op drie als vijf jaar genoten de beleggers hier van een positieve opbrengst, terwijl je met aandelen over die periodes achteruitboerde. Meteen is het nut van dit soort fondsen duidelijk: de return is niet hoog, maar kapitaalverliezen zijn heel onwaarschijnlijk.

Op dit moment zijn er wel veel vragen over de overheidsschulden. Maar Johnny Debuysscher gelooft dat zelfs Griekenland zich uit de problemen kan werken: ‘Natuurlijk moet je die landen wat tijd geven, maar uit de maandelijkse rapporteringen blijkt dat Griekenland in elk geval ernstig werk maakt van de gezondmaking van zijn financiën. Vroeger was het echt een zootje en dus heeft het land nu wel potentieel om het beter te doen.'

Bovendien bieden de obligaties van landen zoals Griekenland en Ierland nu een heel hoge rente. Daarvan heeft Debuysscher gebruik gemaakt om voor Petercam Bonds Euro obligaties van dergelijke landen te kopen. Daardoor heeft het fonds nu een overweging of een neutrale weging van obligaties uit die landen. Debuysscher : ‘Een neutrale weging daarin wil zeggen dat je er meer in belegd bent dan de meeste andere fondsen.'

Een neutrale weging wil zeggen dat er evenveel obligaties van een bepaald land inzitten als in de referentiemarkt die is opgesteld door JP Morgan (benchmark). Landen zoals Griekenland wegen daarin maar voor een 3%. De grote gewichten zijn Duitsland, Frankrijk en Italië: samen goed voor zowat 65%. Van die landen overweegt Petercam nu Italië wegens de interessante rentevergoeding. Net als België beschikt Italië over veel spaargeld, wat het land minder kwetsbaar maakt. En belegt Debuysscher ook in Belgische staatsobligaties? ‘Minder dan de benchmark, want Italië betaalt toch nog een halve procent meer dan België.'

‘Toch kunnen Belgische staatsobligaties interessant zijn', vindt Koen van de Maele van Dexia Asset Management. Dexia Allocation Belgian Bonds belegt alleen in Belgische staatsobligaties en genereerde evenveel opbrengst als het gespreide Petercamfonds. ‘Het risico dat België niet zal terugbetalen blijft bijzonder klein. Dat besef je als Belg beter dan buitenlandse beleggers: tegenover Duitsland krijg je daarvoor 1% meer rente.'