De verdediging van het auditcomité maakte gisteren rustig maar vastberaden brandhout van de aantijgingen in de zaak L&H. De hamvraag die velen bezighoudt is hoe het gerecht intellectueel eerlijk kan landen.

justitie

De advocaten van de drie leden van het auditcomité, Frank Wijkmans en Jef Vermassen, zetten gisteren een striemend pleidooi neer in de zaak L&H. De onvermijdelijke vraag die velen bezighield is of het gerecht het wel kan opbrengen door de zure appel heen te bijten, gegeven de druk van de kleine belegger. Want dat er een zure appel voorligt, was al duidelijk in het tussenarrest van het hof van beroep. Dat hof, dat ook gisteren met nauwgezette aandacht naar de pleidooien luisterde, schoof net voor de zomer al de hete aardappel voor zich uit.

Die hete aardappel zijn de fouten die gemaakt zijn in de zaak Dirk Cauwelier, de plaatsvervangende handelsrechter die vervolgd wordt. Daardoor werden voor alle beschuldigden in de zaak L&H de raadkamer, de KI en eerste aanleg uitgeschakeld en kreeg het parket een soort almacht. Jef Vermassen wees gisteren nog eens op de gemaakte fouten.

Cauwelier had bij de minste aanwijzing van schuld in verdenking gesteld moeten worden, maar tussen zijn laatste ondervraging van november 2002 en april 2004 gebeurde niets. Vermassen citeerde een brief van de procureur-generaal met de spelregels waaraan men zich had moeten houden. Volgens hem is dat manifest niet gebeurd. 'Het is normaal dat in de juridische wandelgangen gezegd wordt dat Cauwelier doelbewust bij de kraag werd gevat om belangrijke tussenschakels uit te schakelen', zei Vermassen.

Advocaat Frank Wijkmans ging vervolgens zeer precies in op de beschuldigingen aan het adres van de leden van het auditcomité in verband met het goedkeuren van de jaarrekening 1999 en het niet-naleven van de procedures inzake de bezoldiging van de revisor (KPMG).

Hij deed dat rustig doch vastberaden en met een opvallende helderheid in een technische materie. Volgens Frank Wijkmans hangen zowel het OM als Deminor een verkeerd beeld op over wat de taak was van het auditcomité is. In de betrokken periode (1998-2001) was een auditcomité niet verplicht, het deed enkel de taken die de raad van bestuur omschrijft. De hervormingen die er geweest zijn in de VS als gevolg van grote schandalen, de zogenaamde blue ribbon-regels, dateren pas van half juni 2001.

Over de procedures aangaande de vergoeding van KPMG zei Wijkmans dat de vergoeding van het wettelijk mandaat niet werd genotuleerd, maar wel werd vastgelegd in 1999 en 2000, en dat is wat de wet voorschrijft. Volgens Wijkmans kenden de leden van het auditcomité de facturen die L&H betaalde aan KPMG niet, en hoefden ze die ook niet te kennen.

Over de verloning van KPMG voor 'andere opdrachten' stelt Wijkmans dat die verantwoording op basis van categorieën in het jaarverslag nog niet in de wet stond. Wijkmans verwijst ook naar wat andere genoteerde bedrijven deden en of zegden over de verloning van hun commissaris-revisor. 'Bij Fortis, Bekaert en InBev zal u niets vinden in het jaarverslag. Bij GBL zei men wat de revisor kreeg, maar gaf men geen uitsplitsing.'

Wijkmans citeerde ook tal van voor het auditcomité gunstige verklaringen van de hoofdrolspelers in het dossier 'die hun weg naar het rekwisitoor niet vonden' en die telkens dezelfde boodschap hadden: de leden van het auditcomité wisten niets van fraude en indien ze een vermoeden zouden gehad hebben, zouden ze gehandeld hebben.

De klap op de vuurpijl was de getuigenis van mevrouw Pritchard, een Amerikaanse voormalige topambtenaar die namens de Amerikaanse beurswaakhond SEC speurde naar fraude, en die het eerste onderzoek naar fraude bij L&H uitvoerde als werkneemster van Bryan Cave. Na tienduizenden mails en documenten met een groot team te hebben doorgenomen, blijft Pritchard formeel: het auditcomité wist niets van de fraude. Er is geen enkele aanwijzing. Ook de speurders hebben elke steen omgedraaid maar geen smoking gun gevonden, zei Wijkmans, die beloofde vandaag in te gaan op de indirecte bewijzen van het OM.

Het OM gaat later nog repliceren. De echte vraag is hoe het hof een landing ziet die voor het auditcomité niet eindigt voor Cassatie. (pdd)

www.standaard.biz/l&h