OVERBOEKT

Vertalersleed

Weet u wie uw lievelingsauteur in het Nederlands heeft vertaald? Kunt u voor de vuist weg een paar namen noemen van mensen die de fraaiste werken uit de wereldliteratuur in uw moedertaal hebben omgezet? Wedden van niet? Meer dan de helft van de titels in de boekhandels zijn vertalingen, maar de meeste lezers realiseren zich nauwelijks dat het aan vertalers te danken is dat ze die boeken kunnen lezen. Schrijvers staan in de schijnwerpers, maar hun overzetters blijven achter de schermen. Als we al aandacht krijgen, is het onder de vorm van negatieve kritiek. Dan wordt er gezeurd over dat ene foutje dat in die vuistdikke pil is geslopen, of slaan ze ons weer eens om de oren met het versleten cliché dat traduttori traditori zijn. Hoezo zijn vertalers verraders? We zijn de crème de la crème, de fine fleur, de weldoeners van de mensheid! We zijn bruggenbouwers, die andere werelden, andere culturen voor u ontsluiten. We zijn de laatste idealisten. En we hebben onmiskenbaar masochistische trekjes. Behalve onbekend en onbemind zijn we namelijk ook nog eens fors onderbetaald. Niet een van ons die van zijn of haar werk kan rondkomen. Boekvertalers zijn hooggekwalificeerd, maar vangen een inkomen dat ver achterblijft bij het loon van een fabrieksarbeider. Het gemiddelde netto jaarinkomen van een fulltime literair vertaler in ons taalgebied bedraagt een schamele 14.370 euro. Wie is zo gek om zich voor zo'n hongerloon het apezuur te werken? Wie is bereid een zestigtal uur per week te sloven en te slaven, onder zware tijdsdruk, met krankzinnige deadlines en in belabberde omstandigheden, zonder vooruitzicht op een correcte vergoeding of een ordentelijk pensioen? Het prestige, zei u? Ach wat, critici en lezers zien ons niet eens staan.

© Liesbeth Gaethofs LG

Niet te missen