GRENSGANGER

KOORTS

Nog 61 keer slapen en dan beginnen de Olympische Spelen. Dat de koorts niet alleen aan de overkant van het Kanaal toeneemt, ontdekte ik vorige week. Toen riep een vriend mij vol opwinding toe dat hij zijn vakantie in Blankenberge zou gebruiken om twee weken lang van de vroege ochtend tot de late avond op de bank naar alles dat spurtte, trok, zwom, wierp, schopte, schoot en dook te kijken. Zijn vrouw kon intussen met de kleinkinderen zandkastelen bouwen, zei hij. Voorts was hij opgetogen dat hij geen halve nachten zou moeten opblijven. In het holst van de nacht een ontknoping van een finale meemaken, sprak een sportfreak niet aan, vond hij. Uit respect voor zijn buren durfde hij dan niet de longen uit zijn lijf te schreeuwen. Bovendien wierp de stilte in de straat een deken over zijn enthousiasme, zodat hij soms de verderfelijke neiging voelde om in zijn pyjama te schieten en bij zijn vrouw onder de wol te kruipen.

© An Nelissen
Intussen is het olympische vuur aan zijn reis begonnen. Dertienduizend kilometer dwars door het Verenigd Koninkrijk en Ierland. Elke dag 121fakkeldragers die elk een kilometer voor hun rekening nemen ...