Weg met het 
 krachtpatserimago
Steve Dierckens (l.) en Giovanni Lecluyse: 'De vergrijzing is wat ons betreft belangrijker dan Brussel-Halle-Vilvoorde.'Michiel Hendryckx
Foto: © MH Michiel Hendryckx
Een handvol mensen verstevigt de spieren op de toestellen van TechnoGym in HealthCity aan de Slachthuislaan in Antwerpen. Tot 2006 was het fitnesscentrum bekend onder de naam 'LAGym', maar de Nederlandse keten HealthCity nam het centrum over en koos het als haar uitvalsbasis en Belgisch hoofdkantoor. We treffen er Giovanni Lecluyse, marketing manager, en Steve Dierckens, country manager Belgium.

HealthCity ontstond in 2004 toen René Moos, Eric Wilborts en Dennis Aerts, respectievelijk twee ex-tenniskampioenen en een fitness- en judofreak hun organisaties bijeenbrachten in wat vandaag HealthCity heet. In mei 2005 kreeg de organisatie een financiële injectie van het private-equityfonds Waterland -dat nu de helft van de aandelen in handen heeft- en sindsdien groeit de fitnessketen gestaag. Momenteel zijn er een honderdtal vestigingen, waarvan 46 in Nederland, 28 in België en 23 in Duitsland. Om de groeicijfers nog extra in de kijker te zetten: in twee jaar tijd ging de keten van 12 naar 100centra.

U neemt wel erg snel de markt in. Niet te snel?

Dierckens: 'De kapitaalinbreng van Waterland heeft voor een extra versnelling gezorgd. We kenden de markt in Nederland al langer en daar moest het snel gaan, omdat er stilaan verzadiging optreedt. In België is er nog erg veel mogelijk. De cijfers voor Nederland en Duitsland tonen een dalende trend. Die voor België niet. De voorbije drie à vier jaar zit fitnessen hier danig in de lift.'

Uw tactiek bestaat erin om bestaande fitnesscentra op te kopen, zoals de elf centra van de Sportopolis-keten. Wat zijn voor u de parameters om van een fitnesscentrum een HealthCity te maken?

Dierckens: 'Je moet het potentieel van een club bekijken, maar ook van de markt zelf. Doorgaans kiezen we voor steden van minstens 25 à 30.000 inwoners. Maar er zijn uitzonderingen. In Kalmthout wonen 18.000 mensen en toch hebben we er een centrum gekocht. Soms draaien bestaande clubs uitstekend en heb je geen enkele concurrentie in de regio.'

'We weten dat je ongeveer vijf procent van de bevolking aan het fitnessen krijgt. In Vlaanderen ligt dat percentage zelfs hoger. Dat zijn in totaal meer dan een half miljoen in clubverband fitnessende Vlamingen. En daar hebben wij er nu al 60.000 van.'

Hoeveel tijd hebt u doorgaans nodig om break-even te draaien?

Dierckens: 'Operationeel break-even lukt meestal binnen de zes maanden. Doorgaans hebben we 1.500 leden nodig om vlot rond te komen. We huren de gebouwen ook altijd. We doen waar we goed in zijn -een bewuste keuze.'

Uw bedrijf moet enorm meeprofiteren van de huidige gezondheidstrend, alleen al de vele start-to-run-acties indachtig.

Dierckens: 'Ja, dat klopt. We pikken daar ook op in, door bijvoorbeeld start-to-run samen met fitness te organiseren en hier op zondagochtend samen te vertrekken. We hebben ook fietsclubs die hier op woensdagavond afspreken. In de winter komen die allemaal binnen trainen op de spinning-toestellen. We proberen een clubgevoel te creëren, maar dat wil niet altijd even goed lukken.'

Het afgelopen jaar kende HealthCity een grote groei. Welke projecten staan de komende jaren op stapel?

Dierckens: 'We willen even temporiseren. Er zitten wel zo'n vijftal projecten in de pijplijn. We willen een extra club in Antwerpen, in Limburg, in Brussel en in Wallonië. Wallonië is hoe dan ook een markt met mogelijkheden waar we blijven naar kijken. We openen trouwens binnenkort in Namen.'

De pijnpunten in de sector zijn bekend. Een ervan is het btw-tarief.

Dierckens: 'Klopt. Dat is niet duidelijk, niet eenvormig. Als het altijd zes procent was (en niet nu en dan 21procent, zie inzet, red.), dan zou de sector er heel anders uitzien.'

U zou vaker gehoord willen worden door de overheid als het over de vergrijzing gaat.

Dierckens: 'De vergrijzing is wat ons betreft belangrijker dan Brussel-Halle-Vilvoorde. Een studie van de VUB heeft het onlangs nog bewezen: fitnessen heeft een positief effect op het bruto binnenlands product van een land. Wie geregeld sport, wordt minder vaak ziek. Minder zieken impliceert minder ziekenhuiskosten.'

'De fiscale voordelen moeten er dringend komen voor bedrijven die hun medewerkers willen laten fitnessen. Dat zou een enorme doorbraak betekenen. Maar er zijn nog belangrijke items. Zo heeft de fitnesssector een enorme potentie voor niet-hoogopgeleiden en allochtonen. In onze centra werken heel veel allochtonen.'

Lecluyse: 'Een tijd geleden hebben we via het project Health in the city steden uitgedaagd om hun bevolking op hun conditie te testen. In Oostende, Antwerpen, Leuven, Hasselt, Oudenaarde en Bilzen heeft dat enorm veel mensen op de been gebracht, en je merkt dat men ervoor openstaat.'

Kun je zeggen dat het imago van fitnesscentra de voorbije jaren veranderd is? In de sector lopen toch nog steeds veel onprofessionele mensen rond.

Dierckens: 'Dat is eigenlijk historisch gegroeid. Fitnesscentra zijn ontstaan vanuit hobbyisme. Je kunt het vergelijken met een kleine kruidenierswinkel die zich ontpopt tot een supermarkt. Zoiets gaat ook niet zonder slag of stoot. Maar de sector professionaliseert met rasse schreden. Er zijn veel opleidingen voorhanden.'

Lecluyse: 'Tegenwoordig wordt fitness geassocieerd met een gezonde levensstijl en niet langer met het krachtpatserimago van de jaren tachtig. Dat merken we ook duidelijk aan het publiek in de fitnesszaal: zestig procent van de leden zijn vrouwen. De verzachting van ons imago doet de populariteit van fitness ook stijgen. Vijf procent van de bevolking doet aan fitness, wat het in de top vijf van de populairste sporten van België brengt.'

Fitnesscentra komen soms negatief in het nieuws door een nogal agressieve politiek inzake ledenwerving. Doet u daar ook aan mee?

Dierckens: 'Hoe bedoelt u? Het klopt dat we mensen een contract laten tekenen voor een halfjaar. Nadien kunnen ze dat contract opzeggen. Het systeem van de beurtenkaarten bestaat bij ons niet. Leden wordt gevraagd maandelijks hun lidgeld te storten (via een bestendige opdracht, red.). We geloven in een engagement. Je fitnest niet nu en dan een keertje, fitnessen is een levensstijl. Bovendien is zo'n beurtenkaart economisch niet verantwoord.'

'Weet u, in elk centrum kennen we in januari een enorme piek van inschrijvingen. Tegen maart merken we dat bij veel leden de motivatie sterk afneemt. Als je enkel met beurtenkaarten werkt, zit je personeel zonder werk op zulke momenten.'

Ziet u trends in het fitnessgebeuren? Ik denk aan de 'ladies only'-clubs?

Dierckens: 'Je vindt ze tegenwoordig overal, hé. Ook in Nederland en Duitsland, en ze zijn succesvol, denk ik. Wij willen er zijn voor iedereen, ook voor vrouwen, en ook voor allochtone vrouwen.'

Lecluyse: 'Een trend is wel dat er meer oudere mensen komen fitnessen. Zogenaamde “medioren, die bewegen belangrijk vinden. Het speelt mee in onze communicatie. We mogen hen niet afschrikken. We moeten drempelverlagend werken. Daarom ook onze slogan “Feeling good, feeling healthy,. Niet zomaar “Looking good,.'

En de trend van goedkope fitnessabonnementen in zogenaamde lowbudgetketens zoals Your Health? Hoe staat u daar tegenover?

Dierckens: 'We zijn ervan overtuigd dat fitness toegankelijk moet zijn voor iedereen en we spelen daar ook zelf op in. Naast all-inclusive-clubs zijn er bij HealthCity ook basisclubs waar je tegen een zeer voordelig tarief kunt sporten. Op die manier bereiken we een heel ruim publiek, dat ook op een goedkopere manier aan zijn conditie kan werken.'