BRUSSEL (belga) - C-Power, het consortium dat het windenergiepark voor de Belgische kust moet aanleggen, trekt aan de alarmbel. C-Power wil voor Pasen rechtszekerheid, zo niet ,,zal met onze aandeelhouders een ernstig gesprek worden gevoerd'', aldus algemeen directeur Filip Martens.

C-Power vraagt in de eerste plaats rechtszekerheid over de waarde van de groenestroomcertificaten. Stroomproducenten krijgen zo'n certificaten voor de stroom die ze opwekken uit hernieuwbare energiebronnen. Leveranciers moeten op hun beurt voor minstens 6% van hun geleverde stroom certificaten kunnen voorleggen, die ze kunnen kopen bij de producenten.

Voor C-Power betekenen de certificaten naar schatting 80% van zijn inkomsten. Maar de de marktprijs van de certificaten werd onderuit gehaald door een recente uitspraak van de Raad van State, en door het feit dat elektriciteitsleveranciers de voorbije twee jaar hun boetes voor het niet naleven van de 6%-clausule niet betaalden.

C-Power vraagt ook rechtszekerheid over de toegang tot het hoogspanningsnet. Nu moeten producenten 24 uur op voorhand zeggen hoeveel ze zullen produceren. ,,Maar voor windenergie, die afhankelijk is van het weer, is dat niet mogelijk'', zegt Martens.

Tot slot wil het consortium zekerheid over de medefinanciering door de overheid van de aansluitingskost van het windmolenpark. Die bedraagt 100 miljoen euro, en C-Power wil een ,,ondubbelzinnige co-financiering in vijf schijven van 5 miljoen''. De ministerraad gaf hiervoor al zijn goedkeuring.