Drie op een rij voor expansiesteun
Minister Fientje Moerman heeft de formule voor expansiesteun hervormd, voor de derde keer al. Foto: © Marc Heremans
BRUSSEL - Vanaf 1 januari wijzigen de spelregels voor Vlaamse bedrijven die bij de overheid aankloppen voor investeringssubsidies. Opnieuw. In drie jaar tijd zullen er drie verschillende formules gebruikt zijn voor het krijgen van Vlaamse expansiesteun.

Het huidige systeem van expansiesteun is amper een jaar oud. Maar de bijsturing door de Vlaamse regering komt niet onverwacht. De wedstrijdformule die eind vorig jaar werd ingevoerd, kreeg forse en aanhoudende kritiek te verwerken vanuit de bedrijfswereld.

De idee van een call-systeem werd in januari 2003 voor het eerst gelanceerd door de toenmalige Vlaamse minister van Economie, Jaak Gabriels (VLD). Het toekennen van investeringssteun aan bedrijven zou afhankelijk gemaakt worden van economische, maar ook van ecologische en sociale criteria. Gabriels wilde komaf maken met de werkwijze, waarbij bedrijven bijna-automatisch recht hadden op steun als hun dossier aan de juridische dossiervereisten voldeed. En hij wilde vooral gedaan maken met de 'open enveloppe'-techniek die onder de rooms-rode regering gangbaar was. Die had het subsidiebudget van de CVP-minister Eric Van Rompuy doen ontsporen, met dossiers die jaren aansleepten, en felle Europese kritiek uitgelokt. De steun zou beperkt worden tot een vooraf bepaald budget, van 35 miljoen euro per jaar.

Het was de opvolgster van Gabriels, zijn partijgenote Patricia Ceysens, die de nieuwe formule vorig jaar invoerde, ondanks de zware kritiek van de Vlaamse werkgeversfederaties. Het VEV noemde het een ,,arbitrair systeem'', waarbij ,,een project bij het ene bedrijf steun kan opleveren en bij het andere niet''. Die ongelijkheid en rechtsonzekerheid zinde het VEV niet. Op de Ondernemingsconferentie, eind 2003, toonden Ceysens en de toenmalige minister-president, Bart Somers, begrip en stelden ze een aanpassing in het vooruitzicht. Die 'evaluatie' werd overgenomen in het regeerakkoord van de bewindsploeg van Yves Leterme, in juli dit jaar.

De huidige minister van Economie, Fientje Moerman (VLD) - de vierde in dit verhaal -, heeft voor een compromis gekozen. De basis van de wedstrijdformule wordt behouden, maar de modaliteiten worden aangepast.

Totnogtoe konden de bedrijven slechts tweemaal per jaar een oproep (,,call') indienen en steun aanvragen. Het aantal calls wordt nu verdubbeld, tot vier per jaar. De Vlaamse regering zal dus niet langer om de zes maanden, maar voortaan om de drie maanden beslissen aan welke bedrijven ze een groeipremie - zoals de expansiesteun ook wel wordt genoemd - toekent. Door de verkorting van de wachttijd, krijgen bedrijven meer zekerheid, aldus Moerman.

Tweede wijziging: de bedrijven moeten vanaf 1 januari niet langer zelf voorstellen welk percentage van het investeringsbedrag ze willen gesubsidieerd zien. De Vlaamse regering legt het subsidiepercentage vast op minimaal 5 en maximaal 10 procent van de investeringswaarde.

(jir)