BRUSSEL - De toezichthouder van de financiële markten, de Commissie voor het Bank- en Financiewezen (CBFA), bijt in het stof in de zaak van de bouwgroep Vooruitzicht. Het gaat om de eerste krachtmeting van de CBFA voor de rechtbank. Het hof van beroep vernietigt de beslissing van de toezichthouder om een verplicht overnamebod te doen.

Het arrest is goed nieuws voor Luc Van Maercke die vorig jaar de alleencontrole verwierf over de Antwerpse bouwgroep en projectontwikkelaar. Van Maercke leidde al sinds 2002 Vooruitzicht, maar kwam in conflict met medevennoot Peter Galliaert die samen met zijn vader Robert Galliaert de meerderheid van de aandelen had. Die ruzie was zowel zakelijk als privé.

Van Maercke oefende in mei vorig jaar de aankoopoptie uit op de aandelen van Peter Galliaert in Vooruitzicht. Dat gebeurde tegen 870 euro per aandeel zodat Van Maercke oprukte van afgerond 40% in het aandelenkapitaal naar 70%. Van Maercke liet dit aan de CBFA weten omdat de groep ooit een beroep op het publiek spaarwezen had gedaan. Het bedrijf was tot 1989 genoteerd op de Antwerpse beurs en noteert sindsdien af en toe sporadisch op de veilingen van Euronext Brussel.

De CBFA eiste eind vorig jaar dat Van Maercke, die handelt via de bvba Socreal, het publiek de kans moest geven om tegen dezelfde prijs uit te stappen als Peter Galliaert. Volgens de toezichthouder waren de twee wettelijke voorwaarden vervuld: controlewijzing en betaling van een premie boven de ,,marktprijs".

De toezichthouder nam als marktprijs de circa 600 euro die op de veiling werden betaald, maar Van Maercke, bijgestaan door zijn advocaat Christian Van Buggenhout (DLA), vocht dat aan. Volgens Van Buggenhout zei de veilingprijs niets over de marktprijs wegens chronisch gebrek aan liquiditeit. Een externe revisor schatte de waarde op 2.120 tot 3.556 euro per aandeel. Ten slotte stelde Van Buggenhout dat Vooruitzicht niet zomaar als een regelmatig beursgenoteerd bedrijf kon worden beschouwd.

De CBFA bleef op haar standpunt waarop Van Maercke naar het hof van beroep trok. Die stelde begin deze maand de toezichthouder in het ongelijk en vernietigde de beslissing van de CBFA. Volgens de rechtbank was de handel in het aandeel Vooruitzicht zo sporadisch dat niet om een klassiek genoteerd bedrijf ging.

,,Het is niet voldoende op de lijst van de CBFA van bedrijven voor te komen die een beroep op het spaarwezen hebben gedaan'', stelt het arrest. ,,Zelfs als Vooruitzicht terecht op die lijst had gestaan, moest er nog geen bod komen want de marktprijs is niet betekenisvol.'' De jaarlijkse handel in het aandeel Vooruitzicht bleef beperkt tot minder dan 1,5% van het aandelenkapitaal. Zo'n 12,35% van de aandelen Vooruitzicht, dat dit jaar zijn honderdste verjaardag viert, zouden in publieke handen zijn.

Het arrest is een tegenslag voor de CBFA die zijn eerste publieke krachtmeting sinds de fusie onder de koepel van de NBB verliest en is de zoveelste illustratie dat de overnamewetgeving uit 1989 onvolmaakt is.

(pdd)