BRUSSEL - Leden van de vier meerderheidspartijen hebben een wetsvoorstel uitgewerkt dat komaf moet maken met de administratieve lijdensweg van transseksuelen. Zo wordt voorzien dat de wijziging van een voornaam een recht wordt voor mensen die een geslachtsoperatie hebben ondergaan.

De gemeenschappelijke tekst werd vandaag in de Kamer voorgesteld door Hilde Vautmans (VLD), Guy Swennen (SP.A) en Valérie Deom (PS). Ook Marie-Christine Marghem (MR) werkte mee aan het wetsvoorstel.

De indieners willen een wijziging van voornaam al mogelijk maken tijdens de hormonale fase van de behandeling. ,,Een wijziging van de voornaam draagt immers bij tot de ontplooiing van de persoonlijkheid en het zelfvertrouwen in de nieuwe geslachtsrol.''

Daarnaast wil het wetsvoorstel vermijden dat een persoon die via een chirurgische ingreep van geslacht verandert naar de rechtbank moet stappen om zijn of haar geslachtsverandering te bepleiten. Transseksualiteit heeft niets met criminaliteit te maken en bovendien hebben de rechtbanken wel wat anders te doen, aldus Vautmans.

Daarom stellen de indieners van het wetsvoorstel voor de hele procedure administratief af te handelen via de ambtenaar van de burgerlijke stand met een procedure die gelijkaardig is met die van de aangifte van een geboorte.

Swennen benadrukte dat het vrij uitzonderlijk is dat de vier meerderheidspartijen het zo snel eens raakten. De reden is dat de huidige situatie als een grote onrechtvaardigheid wordt beschouwd. Transseksuelen botsen op een muur van administratrief onbegrip, aldus Swennen. Hij stelde voor om het wetsvoorstel verder te behandelen in de subcommissie familierecht (van de commissie Justitie), waarvan hij voorzitter is.