Het aantal bestuurders bij intercommunales varieert van 1 tot... 160.

Professor Wim Moesen en Kristof De Witte onderzochten ook of corporate governance - deugdelijk ondernemingsbestuur - al is doorgedrongen tot de wereld van de intercommunales. Maar daar is nog een lange weg te gaan. Zo blijken de onderzochte intercommunales gemiddeld 24 bestuurders te hebben. Dat zijn er veel: specialisten in corporate governance gaan ervan uit dat een ,,ideale'' raad van bestuur zo'n twaalf tot zestien, misschien achttien leden telt.

Bij sommige intercommunales neemt de raad van bestuur bijna ,,parlementaire allures'' aan, zegt Moesen (zie tabel) . Aan het andere uiterste zijn er ook 17 intercommunales die bestierd worden door één enkele bestuurder, en zes waar een vergadering van de raad van bestuur bestaat uit een onderonsje tussen twee mensen. De grootste raden van bestuur vindt men terug bij de intercommunales voor elektriciteitsdistributie: die hebben gemiddeld 44 bestuurders. Intercommunales die zich met streekontwikkeling bezighouden, hebben er gemiddeld 41.

Wat betreft de grootte van de raad van bestuur, waren er nauwelijks verschillen tussen Vlaamse en Waalse intercommunales. Andere opmerkelijke vaststelling: het grote aantal ondervoorzitters bij sommige intercommunales. De Intercommunale d'éléctricité du Hainaut heeft twaalf ondervoorzitters. Veel bestuurders beperken zich niet tot één mandaat. Eén bestuurder slaagt erin tien bestuursmandaten te cumuleren, een andere heeft er acht.

Dat heeft te maken met de manier waarop de bestuurders benoemd worden. Een postje in de raad van bestuur van een intercommunale is vaak een ,,troostprijs'' voor lokale politici die net naast een schepenmandaat hebben gegrepen. Allicht is het niet toevallig dat de bestuursmandaten meestal lopen tot de gemeenteraadsverkiezingen, en dat er na de verkiezingen nieuwe bestuurders benoemd worden.

Dat komt het deugdelijk bestuur niet ten goede. Moesen en De Witte vragen zich ook af in hoeverre de benoemingen gebeuren op basis van objectieve criteria zoals technische, juridische of economische bekwaamheid. Dat zou moeten, omdat de raad van bestuur controle moet uitoefenen op het management, dat dagelijks bezig is met de vaak technische aspecten van het beheer van de intercommunale en daardoor over een informatievoordeel beschikt.

(kdr)