BRUSSEL - Christian Cardinael had vroeger een eigen fotozaak in Sint-Kruis-Brugge, maar heeft die noodgedwongen moeten sluiten nadat zijn omzet in vier jaar tijd tot een derde was teruggelopen. Nu werkt hij in een grote fotozaak die zich toelegt op de verkoop van hoogwaardige camera's.

- Waarom bent u ermee gestopt?

De markt voor ontwikkelen en afdrukken is in een paar jaar tijd compleet ingestort. Eerst kwamen de grootwarenhuizen, die de fotobusiness als een middel tot klantenbinding zagen en veel lagere prijzen gingen hanteren. Ze rekenden 6 à 10 frank aan voor een afdruk, terwijl de vakhandel minder gunstige voorwaarden kreeg van de labo's en 20 frank moest blijven rekenen. En dat voor dezelfde kwaliteit. Alleen met persoonlijke adviezen en service konden we de concurrentie aangaan, maar niet iedereen is bereid daarvoor te betalen.

Daarna kwam de digitale fotografie. Dat heeft mij veel grote klanten gekost, zoals expertisebureaus met schadefoto's of makelaars met foto's van huizen die te koop staan. Die doen alles digitaal. Ook de klanten die ik in de perswereld had, zijn overgestapt op digitale fotografie. En particulieren die digitaal fotograferen, wachten veel langer met het afdrukken van hun opnamen. Ze laten een paar honderd foto's tegelijk afdrukken tegen lage prijzen. Wat ik vroeger met een filmpje van 36 opnamen verdiende, daarvoor moet je nu al een paar honderd foto's afdrukken.

- Is er nog toekomst voor zaken die zich meer toeleggen op de fotografie zelf?

In de wereld van de fotoreportages speelt zich eenzelfde scenario af. Vroeger was ik de enige fotograaf van onze parochie, waar 120 kinderen jaarlijks hun eerste communie deden. Een paar jaar later was er nog een andere fotograaf bijgekomen en was het aantal communicantjes gedaald naar 35. Niet alleen als gevolg van de denataliteit, maar ook doordat de communie vaak vervangen wordt door een lentefeest of iets dergelijks. Ook het aantal huwelijksreportages is sterk gedaald. Er wordt minder gehuwd, en de feesten hebben een ander profiel dan vroeger. Een paar jaar geleden was het normaal om vijftig, zestig huwelijksreportages per jaar te doen, nu mag je blij zijn als het er vijftien zijn. Met productfotografie gaat het net hetzelfde. Foto's voor reclamefolders worden digitaal genomen en rechtstreeks verwerkt.



- Wat een rampscenario. Het is meer dan een rampscenario. Want ook op de verkoop van toestellen valt steeds minder te verdienen. Doordat mensen de prijzen vergelijken op het internet zijn de marges enorm afgenomen. Je moet het nu hebben van de extra's als geheugenkaarten, een statief of een tasje. Vroeger verkocht je een toestel en kon je daarna filmpjes verkopen, maar dat is er ook niet meer bij.

Ik moet er wel aan toevoegen dat er in de jaren '80 en '90 veel geld geschept is met het ontwikkelen en afdrukken van filmrolletjes. België nam ook jarenlang een vrij unieke positie in door de wettelijke bescherming die de fotograaf genoot. Daar is pas een einde aan gekomen toen er een wetswijziging werd doorgevoerd die zaken met meer dan vijftig mensen in dienst toeliet om zich ook op deze markt te begeven. Toen is de branchevervaging ontstaan. Niet alleen warenhuizen lieten foto's afdrukken, ook benzinestations en krantenwinkels.



- Is er nog een toekomst voor de fotozaak?

Er zal een massa zaken gesloten worden. Dorpen waar vroeger één of twee fotozaken onder de kerktoren zaten, moeten het nu zonder doen. En de fotografen zullen meer en meer in bijberoep werken. Ik ken heel wat collega's die bijverdienen in het onderwijs of met andere baantjes. Echte fotografen ga je binnenkort moeten zoeken met een vergrootglas.

(rmg)