De laatste tijd is er door de hoge koperprijs en het voorzichtige herstel van de Congolese democratie sprake van een groeiende stroom investeringen naar de koperprovincie Katanga. Forrest krijgt concurrentie van de Amerikaanse mijnreus Phelps-Dodge, die de mijn van Tenke-Fungurume gaat uitbaten, het Canadese First Quantum, dat actief is aan de grens met Zambia, en het Australische Anvil dat een mijn in Dikulushi uitbaat. Ook Global Enterprise Copper (GEC) van de Israëliër Dan Gertler en de Zuid-Afrikaan Benny Steinmetz is in Kolwezi actief.

Behalve deze industriële projecten zijn er ook nog tal van schimmige bedrijfjes bezig met het op- en doorverkopen van ambachtelijk gedolven erts. Veel Congolezen, ook vrouwen en kinderen, gaan de door Gécamines verwaarloosde groeven met houweel en schop te lijf om het erts handmatig op te delven.

De arbeidsomstandigheden van deze creuseurs zijn erbarmelijk, maar het volledig uitroeien van de sector zou 60.000 Congolezen van hun inkomstenbron beroven.

De commissie-Lutundula doet de aanbeveling om de ambachtelijke ertswinning te reglementeren om de ergste excessen te elimineren.