BRUSSEL - Dagelijks schuiven duizenden pendelaars bumper aan bumper naar het werk. Met de grootscheepse werken aan de Antwerpse ring zal het fileleed voor heel wat pendelaars nog toenemen. Maar ze hebben een troost. Het bumperschuiven is fiscaal aftrekbaar. De autokosten vormen veruit de voornaamste kostenpost voor de loontrekkenden.

De auto is dikwijls niet meer dan een rijdende geldkoe voor de overheid. Bij de aankoop mag u de Belasting op Inverkeerstelling (BIV) afdokken. Daarna betaalt u jaarlijks de Verkeersbelasting om in ons landje te mogen rondtoeren. En bij elke kilometer die u rijdt, verbrandt u, naast brandstof, een paar eurocenten in de vorm van accijnzen.

Maar eenmaal per jaar is het aan u. Dan kunt u de auto aangrijpen om de belastingfactuur flink te drukken. Hoewel, de aftrekbaarheid van de autokosten is beperkt. Zeker als het gaat om de dagelijkse trip naar het werk. De fiscus maakt een onderscheid tussen de verplaatsingen van uw woonplaats naar uw werkplaats en de andere beroepsmatig gedane verplaatsingen.

Voor de dagelijkse trip naar uw werk mag u 15 eurocent per kilometer als beroepskost in mindering brengen. Daarin zitten dan ook alle mogelijke kosten: onderhoud, brandstof, verzekering, afschrijving van de aankoopprijs enzovoort. Voor het woon-werkverkeer maakt het dus niet uit hoeveel kosten u werkelijk gemaakt hebt.

Daarop zijn wel twee uitzonderingen. Wanneer u geleend hebt om uw wagen aan te kopen, zijn de intresten die u betaald hebt aftrekbaar bovenop de 15 cent. Ook de kosten voor het gebruik van een mobilofoon of gsm in de auto zijn afzonderlijk aftrekbaar.

Voorwaarde om de aftrek van 15 cent te genieten is wel dat het om uw eigen auto gaat, de auto van uw huwelijkspartner of van een van uw ouders. Maar ook werknemers die over een bedrijfswagen beschikken, kunnen de aftrek genieten. In dat geval is de situatie wel iets complexer. U wordt dan aan de ene kant belast op de privé-verplaatsingen met de bedrijfswagen. Het gaat daarbij om de zuivere privé-verplaatsingen zoals de rit van thuis naar de bakker. Maar ook de woon-werkverplaatsingen beschouwt de fiscus als privé-verplaatsingen. Dat voordeel wordt forfaitair bepaald en staat op de fiche 281.10. Keerzijde is wel dat u voor uw woon-werkverplaatsingen 15 eurocent per kilometer in mindering kunt brengen.

Voor de beroepsmatige kilometers buiten het woon-werkverkeer dient u de werkelijke kosten te bewijzen. Vooral zelfstandigen zitten in die situatie, maar ook loontrekkenden leggen wel eens beroepskilometers af buiten het woon-werkverkeer. Stel dat u met uw eigen auto naar een klant bent gereden en uw werkgever u daarvoor niet heeft vergoed.

Alle kosten die verband houden met uw auto kunnen afgetrokken worden: de afschrijving van de aankoopprijs (meestal over vijf jaar), onderhoud, de Verkeersbelasting, de Belasting op Inverkeerstelling, parkingkosten, financieringskosten enzovoort. Maar de fiscus zet wel een rem op de aftrekbaarheid van al die kosten. Met uitzondering van de kosten voor brandstof en de financieringskosten zijn de autokosten slechts voor 75 procent aftrekbaar.

Voor bepaalde kosten, zoals de parking- en brandstofkosten, kent u het precieze bedrag misschien niet. De parkingkosten kunt u forfaitair ramen, maar overdrijf niet, of de fiscus zal op het bedrag beknibbelen.

De brandstofkosten kunt u bepalen door het gemiddelde verbruik van uw auto te vermenigvuldigen met de gemiddelde brandstofprijs in 2003 en het aantal beroepsmatig afgelegde kilometers. De gemiddelde prijs voor diesel in 2003 bedroeg 0,8025 euro. Voor super zonder lood 98 octaan is dat 1,0689 euro en voor super zonder lood 95 octaan 1,0260 euro. Voor LPG moest het afgelopen jaar gemiddeld 0,3526 euro neergeteld worden.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig