Aquafin strop voor Vlaamse overheid
De uitkoop van de privé-aandeelhouders is een eerste stap in een nieuwe privatisering van Aquafin, maar nu volgens het boekje. Foto: © belga
BRUSSEL - De Vlaamse overheid moet van Europa alle privé-aandeelhouders uitkopen uit het waterzuiveringsbedrijf Aquafin. Dat betekent dat de privatisering volledig moet worden overgedaan en dat de kostprijs voor de overheid meer dan verdubbelt. ,,We gaan dit moeilijk dossier oplossen'', zegt minister van Leefmilieu Kris Peeters (CD&V).

DE Vlaamse Milieuholding, voor 51 procent aandeelhouder van Aquafin, zal van Europa hoogstwaarschijnlijk de volledige privatisering uit 1991 moeten overdoen. De Vlaamse overheid werkt aan een scenario waarbij niet alleen de Britse industriële partner Severn Trent uitgekocht wordt, maar ook de institutionele aandeelhouders die in 1991 door het beurshuis Petercam aangetrokken werden.

Aan de basis van die nieuwe wending ligt een Europees arrest van 11 januari over een vergelijkbare kwestie in Duitsland. ,,Daardoor is het niet wenselijk om met een halve oplossing naar Europa te gaan'', zei minister van Leefmilieu Kris Peeters gisteren in een telefonische reactie. Europa heeft al jaren harde kritiek op de manier waarop Vlaanderen het waterzuiveringsbedrijf Aquafin in 1990 uitbouwde.

Aquafin, een pseudo-overheidsbedrijf, deed van bij de start een beroep op privé-kapitaal, zonder de regels van de openbare aanbesteding te volgen. Het Britse waterbedrijf Severn Trent verwierf 20 procent van de aandelen, terwijl de zakenbank Petercam via een privéplaatsing 29 procent plaatste bij institutionele aandeelhouders.

De privésector werd gelokt met een vrij exorbitante gegarandeerde dividenduitkering, die gemiddeld neerkwam op een dividendrendement van 9 à 10 procent. Severn Trent was in de opstartfase belangrijk voor Aquafin, maar is al jaren slechts een passieve aandeelhouder. De institutionelen zijn nooit meer dan dat geweest, en zitten op een bijzonder rendabele belegging.

Het hele systeem was gegarandeerd voor dertig jaar en loopt nog zestien jaar. Dat betekent dat nog zestien jaar dure gegarandeerde dividenduitkeringen moeten worden afgekocht om de institutionelen en Severn Trent uit te kopen. Aquafin, dat een hoge schuldenlast heeft, keerde afgelopen jaar 11,1 miljoen euro uit. De geactualiseerde waarde van die dividendstroom ligt tussen 105 en 125 miljoen euro.

Dat is een zware dobber voor Vlaanderen. De overheid had gehoopt via de verkoop van haar belang in de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening (WMV) de factuur van Severn Trent te kunnen opvangen.

Voor de bijkomende kostprijs wordt onder meer in de richting van de Participatiemaatschappij voor Vlaanderen (PMV) gekeken.

De uitkoop van de privé-aandeelhouders, die dit jaar zou gebeuren, is een eerste stap in een nieuwe privatisering van Aquafin, maar nu volgens het boekje. Dat zou binnen een tot drie jaar moeten gebeuren. Het idee is om een meerderheidsbelang aan de privésector te verkopen met de drinkwatermaatschappijen en de PMV als minderheidsaandeelhouders. Het is de bedoeling om, door de drinkwatermaatschappijen in Aquafin te betrekken, één platform voor waterzuivering te creëren.

Nog dit jaar ten slotte zou Aquafin een oplossing moeten krijgen voor zijn btw-dispuut waardoor het een btw-tarief van 6 procent kan toepassen in plaats van 21. Aquafin weegt ten slotte ook op de Vlaamse begroting. Eurostat verplichtte de overheid om over 2004 de volledige investeringsschuld van Aquafin mee te tellen in de Vlaamse begroting, terwijl in het verleden enkel de jaarlijkse investeringsdotatie (1/15) opgenomen werd. Vlaanderen wil zo snel mogelijk de investeringsschuld voor waterzuivering opnieuw uit de begroting halen.