Twee opvallende afwezigen in de studie van GfK zijn Nederland en Luxemburg. Onze noorderburen werden niet meer opgenomen in het onderzoek omdat bij vorige enquêtes bleek dat tot 70 procent van de ondervraagden weigert te praten over zijn vermogen. Overigens, waarschuwt Mark Hofmans van GfK, geldt die gêne tot op zekere hoogte voor alle landen, waardoor het vermogen waarschijnlijk systematisch wat onderschat wordt.

Bij eerdere onderzoeken scoorde Nederland in de top-vijf met één vermogend gezin op de vijf. De Nederlanders bleek ook meer dan de Belgen in aandelen te beleggen, wat hun vermogen gevoeliger maakt voor beursschommelingen.

Luxemburg wordt om budgettaire redenen niet bij het onderzoek betrokken. GfK heeft in het land geen eigen vertegenwoordiging en zou bijgevolg een beroep moeten doen op een concurrent die niet bepaald aan een vriendenprijsje zou werken.

(lc)