De identiteit van de aandeelhouders van beursgenoteerde bedrijven kan soms belangrijke informatie zijn. Wanneer bepaalde aandeelhouders hun participatie in een bedrijf verhogen, kan dat de voorbode zijn van een overname of een verkoop, wat tot hevige koersbewegingen kan leiden. Ook kan het voor kleine beleggers interessant zijn te weten of een aandeel in de gunst ligt van grote beleggers zoals pensioen- of beleggingsfondsen.

Mede daarom is de jaarlijkse studie naar het aandeelhouderschap van ING een interessant document. De informatie in de studie is op zich wel afkomstig van publiek beschikbare bronnen:

In de eerste plaats zijn dat de officiële participatiemeldingen die in ons land verplicht zijn onder de ,,transparantiewet'' van 1989 (na de raid van de Italiaanse financier Carlo de Benedetti op de Generale Maatschappij). Die verplicht alle aandeelhouders van beursgenoteerde bedrijven in ons land mee te delen wanneer hun aandelenbelang bepaalde ,,drempels'' overschrijdt. Het gaat concreet om elk veelvoud van 5 %, maar bedrijven die daarvoor kiezen, mogen ook een drempel van 3 % hanteren. In 2004 kozen 52 van de 130 bedrijven voor de 3-procentdrempel.

Wie bijvoorbeeld zijn participatie laat zakken van 11 tot 9%, overschrijdt de drempel van 10 % en moet dat melden aan de beurs. Die publiceert de informatie, na lezing door de Commissie voor het Bank- en Financiewezen. ING verzamelt ze en actualiseert op basis daarvan de lijst aandeelhouders die u op de website van de bank kunt vinden.

Informatie over aandeelhouders kunt u ook vinden in andere officiële publicaties, zoals persberichten en jaarverslagen van genoteerde bedrijven of hun aandeelhouders. Daar vindt u soms ook informatie over de historische opbouw van participaties of informatie over afspraken die aandeelhouders onderling maken.

(wdp)

www.ing.be/ownership