De regeling over de Eenmalige Bevrijdende Aangifte of EBA (,,fiscale amnestie'' mogen we het blijkbaar niet noemen) bevat een aantal onduidelijkheden, maar de belangstelling is toch enorm. Er komen dus wellicht aanzienlijke kapitalen terug naar België. Waarbij de vraag rijst: wat na de repatriëring of aangifte? Wat moet ik doen als het geld opnieuw wit is? Wat doe ik the morning after?

In het buitenland betaal je wel de bronheffing op dividenden, maar is er meestal geen inhouding op interesten. De fiscus had er ook geen weet van in geval van overlijden. Voortaan kun je dus wél de vermindering van de buitenlandse bronheffing ragen op grond van de dubbelbelastingverdragen. Dat is een hele apierwinkel, die praktisch alleen de moeite is als het om vrij grote edragen aan dividenden gaat. Je hebt onder meer een attest van woonplaats an je controleur nodig, maar dat kun je voortaan dus vragen.

Wat belangrijker is, is dat de fiscus ook op de hoogte is in geval van successie. En precies in dat kader komt de maatregel die in Vlaanderen werd ingevoerd als een geschenk uit de hemel: schenkingen van roerende goederen kunnen voortaan immers tegen 3%, en daarna is de driejaarperiode niet meer van toepassing. Minister Reynders kreeg wat kritiek omwille van de onduidelijkheid in zijn voordracht bij Mees Pierson, maar een vraag die hij toch duidelijk - en positief - beantwoord heeft, is of men mag schenken en toch het tarief van 6% behouden. Het antwoord was klaar: ja, er is geen bezwaar dat men de gerepatrieerde (of geregulariseerde) activa schenkt aan zijn kinderen, dat belet niet dat de investering behouden blijft en dat de 6% dan ook in stand blijft.

Over die 3%, het zogenaamde ,,systeem van Mechelen'' - waarover we het al adden in de krant van 11 december - moeten we toch iets meer zeggen.

1. In het decreet van 19 december 2003 wordt het tarief bepaald op 3 of 7%, aargelang het een schenking in rechte lijn of tussen echtgenoten betreft of tussen andere personen. Samenwonenden worden echter ook als echtgenoten behandeld, en zowel de wettelijk als de feitelijk samenwonenden.

2. Wettelijk samenwonenden moeten een verklaring afgelegd hebben op het gemeentehuis. Feitelijk samenwonenden zijn de personen die op de dag van de schenking ten minste één jaar ononderbroken met de schenker samenwonen en er een gemeenschappelijke huishouding mee voeren. Deze voorwaarden worden geacht ook vervuld te zijn, zegt het decreet, indien het samenwonen en het voeren van een gemeenschappelijke huishouding met de schenker aansluitend op de bedoelde periode van één jaar tot op de dag van de schenking, ingevolge overmacht onmogelijk is geworden.

Een uittreksel uit het bevolkingsregister houdt een weerlegbaar vermoeden in van ononderbroken samenwoning en van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding.

Men kan dus ook samenwonen met meerdere personen; de Vlaamse regering is vooruitstrevend. De definitie loopt trouwens volledig gelijk met de definitie in het successierecht. Feitelijk samenwonenden, gedurende een jaar, kunnen dus schenken of erven tegen 3% (terwijl dat in Wallonië tot 90% kan bedragen).

3. Er is even twijfel over geweest of voorbehoud van vruchtgebruik tot een aftrek zou leiden. Voor onroerende goederen was er al voorzien in de wet dat er geen aftrek was, maar voor roerende was dat wel zo. Dit is echter, voor Vlaanderen, rechtgezet, en art. 133 bepaalt nu duidelijk: ,,Voor de schenkingen van de blote eigendom van roerende goederen waarvan het vruchtgebruik door de schenker is voorbehouden, is de belastinggrondslag de verkoopwaarde van de volle eigendom van de goederen.''

4. Wanneer woont iemand in Vlaanderen? Dat is niet zo evident. Voor de registratierechten op schenkingen is immers het gewest bevoegd van de plaats waar de schenker in de periode van vijf jaar voor de schenking het langst gevestigd was.

Veronderstel dus iemand die al tien jaar in Zwitserland woont, en in Vlaanderen komt wonen: vanaf de eerste dag heeft hij zijn woonplaats in Vlaanderen, want in de laatste vijf jaar woonde hij het langste in het Vlaamse gewest.

Veronderstel iemand die al tien jaar in Brussel woont, en in Vlaanderen komt wonen: hij heeft zijn woonplaats pas in Vlaanderen na 2 jaar, 6 maanden en één dag, want vanaf dat moment woont hij langer in Vlaanderen dan in Brussel, in de laatste vijf jaar. Vlug veranderen van gewest om te kunnen schenken op zijn Vlaams is er dus niet bij.

5. Er is ook duidelijk bepaald dat er met de schenking geen rekening meer wordt gehouden voor het tarief op de andere roerende goederen, bij schenking (art. 66bis W. Succ), en ook niet bij de schenking van andere onroerende goederen binnen de drie jaar (art. 137 W. Reg). Fiscaal zijn ze dus echt weg uit het vermogen van de schenker, op alle gebied.

6. Het successierecht op roerende goederen blijft maximaal 27%. Blijkbaar is de redenering van de Vlaamse regering: als u vindt dat uw kinderen uw vermogen niet nodig hebben, dan vinden wij dat ook

Deze rubriek verschijnt wekelijks op donderdag. De auteur is advocaat bij Tiberghien advocaten.