,,Agfa heeft duidelijke troeven''
Foto: vum
,,Het transformatieproces bij Agfa-Gevaert is nog niet af, maar het bedrijf heeft een sterke knowhow. Er is geen reden om ons zorgen te maken. De verkoop door KBC is een logische beslissing'', zegt André Leysen.

DAT KBC Groep zijn aandelen Agfa-Gevaert zou verkopen, zat er aan te komen. ,,Eigenlijk leven we al jaren met de wetenschap dat het zou gebeuren'', zegt Leysen, oud-topman van Agfa-Gevaert en Gevaert. ,,KBC Groep is een financiële groep en dat een industrieel bedrijf daar niet in past, is logisch.

De enige vraag die nog op tafel lag, was of KBC nog enkele maanden moest wachten met het oog op een betere aandelenkoers of hun principes moest uitvoeren en verkopen. Ze hebben voor het laatste gekozen en ik heb daar niet de minste kritiek op.''

Voor Leysen is het het sluitstuk van een geschiedenis van 35 jaar. In 1971 werd hij bestuurder bij de holding Gevaert nadat hij een deel van de verkoopopbrengst van zijn bedrijf Ahlers herbelegd had in Gevaert. In 1974 werd hij bestuurder bij Agfa-Gevaert. Agfa-Gevaert, het product van een fusie tussen Agfa AG en Gevaert Photo-Producten in 1964, werd door de Duitsers en Belgen op paritaire basis beheerd.

Leysen is zeven jaar lang ceo geweest van Agfa-Gevaert. Hij nam in 1978 de functie op op vraag van de Duitsers en Belgen die een stroeve relatie hadden maar in Leysen wel vertrouwen hadden. ,,Ik vond niet dat mijn roeping daar lag, maar het was nodig in het belang van het bedrijf'', zegt Leysen.

In 1982, na de zilvercrisis, kocht Bayer Agfa-Gevaert helemaal en werd Gevaert een holding met een klein belang in Bayer. Leysen bleef die financiële holding tot in 2003 leiden. ,,In 1999 wou Bayer al zijn aandelen Agfa via de beurs verkopen, maar ik vond toen dat het bedrijf er niet klaar voor was. Gevaert heeft daarop een pakket van 25% in Agfa gekocht.''

Zeven jaar later blijft van die Vlaamse verankering niets over en is globalisering het nieuwe ordewoord. ,,België is te klein voor dergelijke nationalistische en romantische reflexen. De Duitsers en Fransen denken wel dat ze weerstand kunnen bieden tegen de globalisering maar met protectionisme bereik je niets.''

,,Ik heb alle begrip voor de aandelenverkoop door KBC. Van de drie groepen die in Vlaanderen na de Eerste Wereldoorlog een belangrijke rol hebben gespeeld in de Vervlaamsing van het bedrijfsleven (Lieven Gevaert, de Boerenbond en de KB) en eindelijk verenigd waren, heeft de bank en daarmee de financiële activiteit de bovenhand genomen. Een industrieel bedrijf paste daar niet meer in. Dat moet je accepteren. Ik ga met mijn tijd mee. We leven in een nieuwe, open maatschappij.''

Het gevolg van de transactie is wel dat Agfa geen vaste aandeelhouder meer heeft. ,,We weten niet waar de aandelen die via Goldman Sachs geplaatst werden, zijn terechtgekomen. Bij welke hedge funds zitten ze? Het is een delicate situatie.'' ,,Maar ik doe niet mee aan het eenzijdig bekritiseren van hedge funds. Ze zijn een factor in reorganisaties. Hun doel is winst maken en allerminst waardevernietiging veroorzaken.''

Volgens Leysen moet Agfa zelf de lijnen uitzetten. ,,We moeten onze reputatie die op technisch vlak ongeschonden is, in stand houden. Agfa heeft al veel gerationaliseerd. We hebben onze filmdivisie op tijd verkocht maar de transformatie is nog niet beëindigd. In feite zitten we in een logica van permanente rationalisatie. Maar de hoofdzaak is dat de kernactiviteiten (medische en grafische divisie) kerngezond zijn.'' Leysen benadrukt ten slotte zijn vertrouwen in Ludo Verhoeven en Marc Olivié, respectievelijk voorzitter en ceo van Agfa.

Agfa moet volgens Leysen een deel van zijn winst gebruiken om de transformatie te beëindigen. Daar zit onvermijdelijk opnieuw een sociaal luik aan vast. ,,We moeten ons personeelsbestand aan een grondig onderzoek onderwerpen. Agfa heeft zijn roots in de fotosector maar is meer en meer een IT-bedrijf aan het worden. Dat houdt een andere personeelsconfiguratie in. We zullen mensen moeten afdanken en aanwerven. Het is belangrijk dat dit op een verstandige manier gebeurt in samenspraak met de vakbonden.''

Cijfers kan of wil Leysen daar niet op plakken. ,,Maar dat is iets dat over verscheidene jaren zal lopen.'' Dat Agfa wel eens zou kunnen eindigen als een oude vrijster, gelooft Leysen niet. ,,Het bedrijf is tamelijk uniek. Zowel door zijn kennis als zijn productenpakket. We zijn een interessante prooi voor groepen met wereldwijde ambities.''

Agfa concurreert in de markt van medische beeldvorming met groepen als Philips, Siemens en General Electric.

De verkoop van Agfa aan de markt luidt nog een ander afscheid in. Dat van de Gevaert-holding die opgeslorpt zal worden door KBC. In de jaren negentig verdiende Gevaert veel geld als slimme belegger in blue chip aandelen. Een rol die na het afscheid van Leysen niet werd voortgezet.

Een stuk van zijn nalatenschap die verdwijnt? ,,Mijn nalatenschap? Ik ben geen pessimist. Waar bedreigingen zijn, groeien ook kansen. Als je bij moeilijkheden die kansen ziet, dan ben je op het goede spoor. Laat dat mijn nalatenschap zijn. Crisissen zijn immers uitdagingen.''

(pdd)