ALGIERS - De olieministers van de Opec, de Organisatie van Olieproducerende en -Exporterende Landen, zijn op hun bijeenkomst in Algiers overeengekomen om de productiequota van ruwe olie op hetzelfde niveau te houden. Het besluit werd al genomen bij informele gesprekken tijdens de vergadering in de Algerijnse hoofdstad en het is niet duidelijk of er nog een plenaire vergadering komt.

De Libische delegatie verklaarde dat de Opec-leden het gevoel hadden dat de eventuele terugkeer op de markt van Iraakse olie geen effect zou hebben op de prijzen voor ruwe olie. Maandag bepleitte de Algerijnse olieminister Chabib Khelil wel een verandering in het huidige producieplafond van de Opec dat 24,5 miljoen vaten per dag bedraagt. Omdat de Opec geen quota aanhangt, was de productie opgelopen tot 1,6 miljoen vaten boven het afgesproken plafond, aldus Khelil. De Nigeriaanse olieminister Edmund Maduabebe Daukoru verklaarde dan weer dat de Opec-landen meer discipline moesten tonen.

Ondanks de overproductie bleven de prijzen voor ruwe olie wel boven de Opec-prijsmarge van 22 tot 28 dollar per vat. Dat zette de ministers onder druk om de quota voor het ogenblik onaangeroerd te laten.

De volgende bijeenkomst van de Opec-ministers is gepland in Wenen op 31 maart. Experten verwachten dat daar wel aan de productiequota zal worden geraakt.