Bermuda, de zwarte kas van Sabena?
ER zijn wel wat, meestal kleinere, bedrijven die een zwarte kas hebben om hun personeelsleden een extraatje toe te schuiven zonder dat het hen te veel kost. Want van alles wat in ons land boven het modale loon wordt uitbetaald, roomt Vadertje Staat onmiddellijk een flink stuk af.

Uit de eerste stukken van het strafonderzoek dat de onderzoeksrechter Jean-Claude Van Espen naar het faillissement van Sabena voert, blijkt nu dat ook Sabena in de jaren negentig mogelijk over een zwarte kas beschikte (DS 17 januari) . Alleen bevond die zwarte kas zich niet in een geldkoffertje in de lade van de baas, maar in het belastingparadijs Bermuda.

Sabena richtte op 9 december 1991 een nieuwe vennootschap op met de naam Sabbel Insurances. Doel van de vennootschap: moeilijk te verzekeren activiteiten van Sabena tegen een aanvaardbare prijs verzekeren. Op die manier werd bijvoorbeeld het Rwandese hotel Mille Collines verzekerd. Het oprichten van een zogenaamde captive was in die jaren zeer gebruikelijk (zie hiernaast) . Bepaalde landen zoals Luxemburg, maar ook Bermuda, hadden specifieke regimes om captives te lokken.

Maar het gerecht vermoedt dat de premies die Sabena aan Sabbel betaalde om de activa te verzekeren hoger waren dan nodig. Tijdens de eerste jaren bedroeg die premie 1.350.000 dollar. Dat bedrag werd vanaf 1995 opgetrokken tot 6.750.000 dollar. Daarom vermoedt het gerecht dat het systeem gebruikt werd om winst, die bijvoorbeeld in Afrika gemaakt werd, naar het fiscaal paradijs te loodsen om nadien onder meer kaderleden in het zwart te betalen.

Dat geld kwam bovendien niet rechtstreeks bij Sabbel in Bermuda terecht, maar liep via de Bank of Bermuda in New York.

Pierre Godfroid, de toenmalige topman van Sabena, zou daarover volgens Le Soir Magazine aan de onderzoekers verklaard hebben dat de oprichting van Sabbel kaderde in de doelstelling van Sabena om de risico's te verminderen en de verzekeringspremies omlaag te trekken. In ruil voor de inspanningen om de risico's te verminderen had hij de kaderleden beloofd om hun loon netto met vijf tot tien procent op te trekken.

Godfroid wou bij zijn aantreden bovendien de helft van het vorige directiecomité vernieuwen, maar beschikte niet over de middelen om de nieuwe mensen marktconform te vergoeden. De betaling van de premies vanuit Bermuda was de uitweg om op een fiscaalvriendelijke manier de nieuwe directieleden te vergoeden.

Een van de nieuwe directieleden was bijvoorbeeld Patrick du Bois. Du Bois is op dit ogenblik verantwoordelijk voor de financiën van het aartsbisdom, maar was gisteren niet bereikbaar voor commentaar. De directieleden kregen in een eerste fase een half tot een miljoen frank. Maar vanaf 1995 werden de bedragen opgetrokken en zou het om 750.000 euro tot 1,5 miljoen frank gegaan zijn.

Godfroid spreekt over een salary split. Als mensen in twee landen werken, kunnen ze in die twee landen uitbetaald worden en dat drukt de belastingfactuur. Als alle voorwaarden voldaan zijn, is dat een perfect legaal systeem. Maar de onderzoekers hebben vastgesteld dat er ook betalingen vanuit Bermuda gebeurden aan kaderleden die geen enkele functie in Sabbel hadden. Volgens hen waren de voorwaarden voor een salary split dan ook niet voldaan.

Wat ook vreemd is, is dat in een eerste fase de bedragen cash in enveloppen werden uitbetaald. Eind 1996 werd dan aan het hele systeem een Luxemburgs luik toegevoerd. De bedragen werden op een rekening van Axa in Luxemburg gestort. Van daaruit werden ze verdeeld over de levensverzekeringen die de directieleden bij Axa in Luxemburg hadden gesloten.

De verzekeraar Axa Luxemburg wou gisteren niet veel commentaar kwijt. ,,Wat Sabena betreft, moeten wij ons houden aan het geheim van het gerechtelijk onderzoek, dat nog lopende is'', reageerde de woordvoerster Nathalie Hanck. Zij gaf wel toe dat het Brusselse parket ,,een paar jaar geleden'' een rogatoire commissie heeft gestuurd naar Luxemburg. ,,Axa heeft toen haar volle medewerking verleend en is ook vandaag nog altijd bereid om volop mee te werken met het gerecht'', besloot de woordvoerster.

Godfroid van zijn kant beweert van het Luxemburgse luik niet op de hoogte te zijn. Hij verklaarde gisteren aan Le Soir bovendien dat alles zeer open gebeurde. Zo waren zowel de bedrijfsrevisor KPMG als de raad van bestuur van alles op de hoogte. Een van die bestuurders uit de betrokken periode is Eddy Wymeersch, de huidige voorzitter van de Commissie voor Bank en Financiewezen (CBFA). Wymeersch zat in de periode 1992-1998 niet alleen in de raad van bestuur, maar ook in het auditcomité van Sabena.

Hij liet via zijn woordvoerder weten dat hij gisteren in de media voor het eerst gehoord heeft van zwarte betalingen aan kaderleden van Sabena. Het bestaan van Sabbel zou tijdens een raad van bestuur of bijeenkomst van het auditcomité wel eens ter sprake gekomen zijn, maar er zouden nooit details gegeven zijn over de precieze activiteiten van die vennootschap. Hij wijst er ook op dat de bedrijfsrevisor nooit gewezen heeft op eventuele problemen bij Sabbel. Ook KPMG wast zijn handen in onschuld en zegt niets te weten van zwarte betalingen (zie hiernaast) .

Het onderzoek naar Sabbel is nog niet afgerond. Zo is nog niet zeker welke strafrechtelijke feiten eventueel gepleegd werden en wie via de Bermuda-constructie betaald is geweest. Er is ook nog niemand in beschuldiging gesteld.

Het systeem stopte in 1997 bij de komst van de Zwitser Paul Reutlinger, de opvolger van Godfroid. Sommigen zien in het ontdekken van dit systeem door de Zwitsers de verklaring waarom de ze de jaren nadien Sabena zonder al te veel weerstand hebben kunnen leegzuigen wat leidde tot het faillissement. De kennis van eventuele zwarte betalingen zou het chantagemiddel bij uitstek gevormd hebben.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig