PARIJS (reuters) - De westerse landen hebben vorig jaar meer geld uitgegeven aan handelsverstorende landbouwsubsidies. Dat schrijft de Oeso, de organisatie van geïndustrialiseerde landen. Er werd 213,6 miljard euro aan subsidies besteed, 22,9 miljard meer dan het jaar ervoor.

HET meeste geld kwam terecht bij grote boeren en dus niet bij kleintjes die de steun het meest nodig hebben, zo staat te lezen in het rapport. De overheid steunt de landbouwers vooral met maatregelen die de handel ernstig verstoren, inkomensongelijkheden vergroten en de prijzen van landbouwproducten kunstmatig laag houden.

De Europese Unie is de onbetwiste kampioen van de landbouwsteun, met uitgaven die vorig jaar 101 miljard euro beliepen. Japan gaf 37 miljard euro uit, de Verenigde Staten 32 miljard euro. In tegenstelling tot de EU en Japan gaven de VS vorig jaar minder uit dan het jaar daarvoor.

De cijfers hebben betrekking op directie subsidies, marktsteun en de hogere prijzen die consumenten voor de producten moeten betalen.

De Oeso vindt dat zijn leden de steunmaatregelen verder moeten afbouwen. Daarover wordt momenteel in de Wereldhandelsorganisatie (WTO) onderhandeld. ,,De toenemende productie en protectie in de Oeso-landen beperkt de productiemogelijkheden elders, kan consumptiepatronen en voedselveiligheid beïnvloeden en beperkt de groeimogelijkheden in de ontwikkelingslanden'', luidt het.

Hoewel de EU in absolute termen het meest uitgeeft aan landbouwsteun, is de mate van overheidsinterventie groter in Zwitserland, Noorwegen, Korea, IJsland en Japan, waar de landbouw sterker afhankelijk is van subsidies dan in de EU. De EU is bezig de landbouwsteun los te koppelen van de productie. Dat is volgens de Oeso een stap in de goede richting en zal leiden tot minder intensieve productie. Maar aan het niveau van de steun en de toegang voor producenten uit derde landen zal niets veranderen.

Voor de meeste landbouwproducten zal het aanbod te komende tien jaar groter zijn dan de vraag. Vooral in de ontwikkelingslanden zal meer geproduceerd worden, voorspelt de Oeso. Als gevolg van die trend zullen de prijzen voor landbouwproducten verder dalen.

De Oeso deed de voorspellingen in het rapport ,,Agricultural Outlook 2004-2013''. Daarin staat dat het aandeel van de westerse wereld in de productie van producten als melkpoeder, boter en vlees sterk zal dalen. ,,Het groeicijfer van de productie van de meeste landbouwproducten zal groter zijn dan dat van de consumptie. Dat leidt tot een voortzetting van de langetermijndaling in reële prijzen (gecorrigeerd voor inflatie)'', zo staat in het rapport. De graanproductie zal in het komende decennium naar verwachting met 1,6% per jaar toenemen, meer dan de consumptiegroei. Toch zal de prijs voor sommige granen, zoals tarwe en rijst, niet dalen omdat de voorraden kleiner worden. De groeiende vraag naar landbouwproducten heeft te maken met de bevolkingsgroei, maar ook met een stijging van het welvaartspeil in sommige landen en wijzigingen in levensstijl.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig