Tot twintig procent loon niet cash betaald
Steeds meer werknemers krijgen maaltijdcheques bovenop hun loon Foto: © BDW Bart Dewaele
Aanvullende voordelen maken al tot twintig procent uit van het totale loonpakket.

Steeds meer werknemers, vooral dan kaderleden en bedienden, worden niet meer alleen in cash uitbetaald. Bovenop hun loon krijgen ze bijvoorbeeld ook maaltijdcheques, een bedrijfswagen, een forfaitaire kostenvergoeding of een groepsverzekering voor een aanvullend pensioen. Maar zowel werkgevers als werknemers hebben zelden zicht op de (bruto)waarde van die extra looncomponenten. Hoeveel is, bijvoorbeeld, het voordeel van een bedrijfswagen waard in euro's?

Iemand die van zijn werkgever alle vier de bovengenoemde voordelen - maaltijdcheques, bedrijfswagen, groepsverzekering en forfaitaire kostenvergoeding - krijgt, mag bij zijn brutoloon in cash een kwart bijtellen om zijn totale verloningspakket te kennen, berekende het human resources-dienstenbedrijf SD Worx, op basis van een databank waarin de verloningsgegevens zijn opgenomen van meer dan 9.700 werkgevers en bijna 84.000 werknemers.

Het totale bruto loonpakket van werknemers die alle vier die voordelen genieten, bestaat met andere woorden voor 80 procent uit cash (zie grafiek) . Gemiddeld is daarvan 4 procent variabel loon. Een bedrijfswagen en een groepsverzekering zijn elk goed voor ongeveer 6 procent van het totale loonpakket, de forfaitaire kostenvergoeding voor een kleine 5 procent en de maaltijdcheques voor bijna 4 procent.

Natuurlijk krijgen niet alle werknemers in een bedrijf dezelfde aanvullende voordelen. Arbeiders, bijvoorbeeld, krijgen ze minder vaak toegekend dan bedienden en kaderleden, waartoe de studie van SD Worx dan ook beperkt is.

Slechts tien procent van de werknemers ontvangt geen enkel aanvullend voordeel. De grootste groep (39 procent) heeft er twee, 23 procent krijgt er één en slechts 6 procent krijgt ze alle vier.

Hoe hoger men in de hiërarchie zit in een bedrijf, hoe meer extra voordelen men heeft en hoe groter hun aandeel in het loonpakket. Voor bedienden, bijvoorbeeld, vormen de aanvullende voordelen maar 10 procent van het totale loon, tegenover 20 procent bij directie- en hogere kaderleden. In die laatste categorie vertegenwoordigt de groepsverzekering gemiddeld 9,5 procent van het totale brutoloon, tegenover slechts 3,5 procent bij uitvoerende bedienden.

De toekenning van aanvullende voordelen is vooral gebruikelijk in grotere bedrijven. Twintig procent van de werknemers van kmo's (met minder dan honderd werknemers) zegt geen enkel aanvullend voordeel te ontvangen, tegenover slechts 3 procent van de werknemers bij grotere bedrijven.

(kdr)