Uitbreiding is prioriteit

DAT het hemd altijd nader is dan de broek, is een overweging die ongetwijfeld meespeelt bij de financiële steun aan de nieuwe EU-lidstaten in Centraal- en Oost-Europa. Het directe belang van een stabiele achtertuin valt voor de huidige EU-15 niet te overschatten. Hoewel je kunt discussiëren over het precieze tijdstip en de modaliteiten van de toetreding, kun je niet anders dan bevestigen dat het Europese beleid in Centraal- en Oost-Europa tot op heden succesvol is geweest. Het perspectief van EU-toetreding heeft ertoe geleid dat onpopulaire, maar zeer noodzakelijke maatregelen doorgevoerd werden. Hoe valt dat te rijmen met de opiniebijdrage van Rhiannon Williams (DS 19 februari)?Daarin staat dat de hulp aan Centraal- en Oost-Europa ten koste gegaan is van de hulp aan Afrika. Dat extreme armoede bestreden moet worden, daarover zullen weinigen van mening verschillen. Sinds 11 september is bovendien duidelijk geworden dat die armoede wel eens een perfecte voedingsbodem voor godsdienstig fundamentalisme en terrorisme kan zijn. De rijkere landen hebben er alle belang bij kordaat te handelen. Tot zover zijn we het dan ook eens met de auteur. Maar vooraleer de EU van nalatigheid te beschuldigen, moeten we toch eens ingaan op de motivering die Williams naar voren brengt.

Dat de Europese Unie de steun aan ontwikkelingslanden (beperkt) heeft afgebouwd in de periode 1995-2000, is correct. Dat tegelijkertijd de steun aan de landen uit Centraal- en Oost-Europa is toegenomen ...

Niet te missen