BRUSSEL - Het is nog steeds niet duidelijk of de langetermijnrente nu echt definitief aan het stijgen is. De macro-economische cijfers die de voorbije week gepubliceerd werden, geven weinig houvast.

In de tweede helft van vorige week kende de langetermijnrente een forse stijging. Maar op de vraag of dit nu een echte trend is en we dus voor een langere periode van hogere rente staan, kregen analisten ook deze week geen sluitend antwoord. Er werden nochtans een hele rist macro-economische cijfers gepubliceerd, maar die waren niet echt verrassend. Duidelijk werd wel dat de Amerikaanse economie het nog altijd beter doet dan de Europese. Dat werd gisteren nog eens bevestigd, toen bekendgemaakt werd dat de economische groei in de VS in het vierde kwartaal vorig jaar uitkwam op 3,8 procent op jaarbasis. Een maand eerder was het cijfer nog geraamd op 3,1 procent. Over heel 2004 groeide de Amerikaanse economie met 4,4 procent, het sterkste cijfer sinds 1999 en een pak boven de groei met 3 procent in 2003. Voor dit jaar liggen de ramingen op een toename van het Amerikaanse bbp met 3,6 procent, dichtbij het gemiddelde percentage voor de afgelopen tien jaar. De opwaartse herziening voor het vierde kwartaal was vooral te danken aan de sterke exportcijfers, die natuurlijk mede een gevolg zijn van de goedkope dollar.

Bij de leningen die deze week op de markt kwamen, ging de aandacht vooral naar de Franse staatslening op 50 jaar. Met die uitzonderlijk lange looptijd werd ingespeeld op de vraag van de beleggers, die lange looptijden vragen op zoek naar hogere rendementen. Ook de achtergestelde lening van de Bank of Ireland deed het volgens de obligatiespecialisten van ING België goed bij het particuliere cliënteel. Opvallend is wel dat er relatief weinig bedrijfsleningen op de markt komen. Maar als ze er zijn, wordt er gretig op ingeschreven. De lening van Energie Oberösterreich AG bijvoorbeeld was ruimschoots overingetekend.