Belgacom moet paringsdans doen op één been
Belgacom verwierf onlangs de laatste 25 procent van gsm-operator Proximus. Foto: © BELGA
BELGACOM staat als relatief kleine Europese telecomoperator voor de keuze: via overnames en allianties uitgroeien tot een (middel-)grote speler, of afwachten tot er vroeg of laat een kandidaat-koper komt opdagen. De eerste optie veronderstelt dat het bedrijf ook zelf een aantrekkelijke bruid is die zijn voorwaarden aan een eventuele huwelijkspartner kan opleggen.

Onder leiding van topman Didier Bellens heeft Belgacom daar de voorbije jaren hard aan gewerkt. Hij probeerde de neergang van de inkomsten uit de klassieke, vaste telefonie te counteren. Met succes. Het bedrijf slaagde erin heel wat van zijn particuliere klanten te behouden of zelfs terug te winnen met nieuwe diensten zoals Belgacom TV. Op de bedrijvenmarkt versterkte het recent zijn positie met de overname van de Leuvense netwerkintegrator Telindus. En onlangs verwierf het de laatste 25% van gsm-operator Proximus, wat ook daar nieuwe synergiëen mogelijk maakt.

Toch leeft bij het management van de groep de overtuiging dat dit niet volstaat om de uitdagingen van de komende jaren aan te gaan. Enerzijds is Belgacom actief op een beperkte geografische markt waar nog weinig groei te verwachten is. Anderzijds staan alle telecombedrijven voor een periode van zware investeringen indien ze technologisch en commercieel tot de top willen blijven behoren. Schaalgrootte en financiële slagkracht zijn dan onontbeerlijke troeven.

In de wereld van de infrastructuurbouwers is de nodige consolidatiebeweging al volop aan de gang. De bekendste voorbeelden daarvan zijn de overname van het Amerikaanse Lucent door Alcatel, en de fusie van de netwerkdivisies van Nokia en Siemens. Die bedrijven reageren zo op een driedubbele convergentie die aan de gang is in de telecomwereld: spraak-, data- en videoverkeer lopen steeds meer over dezelfde netwerken, vaste en mobiele communicatie groeien naar elkaar toe, en ook media- en telecombedrijven komen steeds meer op elkaars terrein. De combinatie van technologische vooruitgang en economische mondialisering maken dat het allemaal bijzonder snel gaat.

Ook de operatoren tasten de markt af naar allianties, en voor kleinere spelers is de druk om iets te doen het grootst. Anders lopen ze het risico opgeslokt te worden door een vijandige overnemer, zoals in Portugal mogelijk zal gebeuren met de nationale operator Portugal Telecom.

Voor Belgacom lijkt het logisch om in een eerste fase dicht bij huis naar kritische massa te zoeken. In Nederland bijvoorbeeld, dat ook cultureel en qua taal relatief dicht bij ons land staat. ,,KPN is inderdaad één van de meest logische partners'', klinkt het in Belgacom-kringen, ,,al is het niet de enige mogelijke.'' Een groot deel van het denkproces rond een fusie met KPN werd al vijf jaar geleden gedaan. John Goossens en Paul Smits, de toenmalige toplui van Belgacom en KPN, stonden in 2001 dicht bij een akkoord, maar dat sprong af op de financiële waardering van de - toen nog niet beursgenoteerde - Belgische partner.

Vandaag zou dat financiële luik minder problemen opleveren. Qua omzet en beurswaarde is Belgacom zowat de helft waard van KPN. Maar precies omdat Belgacom zich destijds niet heeft laten verleiden tot dure overnames, heeft het vijf keer minder schulden dan KPN, wat een betere onderhandelingspositie oplevert. Ook het minderheidsbelang van Vodafone in Proximus - destijds ook een moeilijk punt - is nu van de baan.

Maar tussen droom en werkelijkheid staan nog altijd praktische bezwaren. De gemakkelijkste weg naar een fusie is die van een aandelenruil, maar dat zou betekenen dat de Belgische staat bereid moet zijn om haar controlebelang van 50,01 % in Belgacom te laten verwateren. Omdat die staatscontrole wettelijk verankerd is, kan dit alleen via een akkoord tussen de federale regeringspartijen. En daar is vandaag geen sprake van, luidt het eensgezind bij de (vooral Franstalige) socialisten. Met de parlementsverkiezingen van mei 2007 in zicht hebben zij geen zin om sociale onrust te zaaien bij de vakbonden van Belgacom, die een verdere privatisering ,,onbespreekbaar'' noemen. Er moet dus minstens nog worden gewacht tot na de volgende regeringsvorming - en dan nog moet de PS overtuigd worden.

Een echt alternatief heeft Belgacom evenwel niet. Het kan wel schulden aangaan, maar dat zou niet volstaan om een overname van de omvang van KPN te financieren. In theorie zou de regering ook kunnen meestappen in een kapitaalverhoging van Belgacom, maar het is onwaarschijnlijk dat ze daarvoor extra miljarden wil ophoesten. En de Europese Commissie zou het wellicht ook niet zien zitten.

Volgens Bart Jooris, de telecomanalist van Fortis Bank, is het hele verhaal ,,een storm in een glas water.'' Hij onthoudt er vooral uit dat ,,de regering aan Belgacom een soort toelating heeft gegeven om minder voorzichtig te zijn wanneer ze overnames doen. Tot nog toe heeft Belgacom altijd lage prijzen geboden, waardoor ze in sommige dossiers uit de boot zijn gevallen.''

(wdp)