BRUSSEL De Europese Commissie negeert in haar voorstel voor de financiering van de Unie tot 2013 de eisen van de grote financiers van de Europese begroting. Zij wilden de uitgaven tussen 2007 en 2013 beperken tot 1 procent van het bruto nationaal product van de Unie. Maar de Commissie keurde gisteren voorstellen goed waarin de uitgaven gemiddeld 1,14 procent van het bnp bedragen, of zo'n 20 miljard euro meer.

Na wekenlange voorbereidingnam de Commissie van voorzitter Romano Prodi gisteren de laatste belangrijke beslissing in haar legislatuur: de voorstellen voor de financiering van de EU tussen 2007 en 2013. Die zullen de komende weken en maanden ongetwijfeld nog veel politiek stof doen opwaaien. En spanningen veroorzaken binnen de EU.

De meerjarenplanning dateert uit de periode dat Jacques Delors de Commissie voorzat. Toen rezen de Europese begrotingen de pan uit, waardoor het steeds moeilijker werd om jaarlijks een akkoord rond te krijgen tussen de Commissie, de twaalf en nadien vijftien regeringen en het Europees Parlement. Door financiële grenzen vast te leggen over meerdere jaren, werd het opstellen van de jaarbegroting veel makkelijker. In het jargon heten die meerjarenplannen ,,de financiële perspectieven''.

De Commissie-Prodi moest de vierde zeven-jarenplanning (2007-2013) voorbereiden. Volgens haar eigen voorstel zal het ook de laatste keer zijn dat dat gebeurt voor zeven jaar. Vanaf 2014 zou de planning nog maar voor vijf jaar mogen gelden, zegt ze.

Met het oog op die beslissing van gisteren stuurden de staats- en regeringsleiders van Frankrijk, Duitsland, Oostenrijk, het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Zweden, in december een brief waarin ze de Commissie waarschuwden dat de EU-uitgaven tot 2013 niet boven 1 procent van het EU-bnp mogen stijgen. Die zes zijn de grote financiers van de Europese begroting: ze betalen méér dan ze krijgen. Duitsland alleen betaalt bijna een kwart van alle EU-uitgaven.

Het document dat de Commissie gisteren goedkeurde, is daarop vooral een politiek antwoord, zei Romano Prodi. Samengevat luidt het: lidstaten, de programma's die jullie samen willen realiseren zullen veel méér geld kosten.

De Commissie overloopt al die programma's en plakt er bedragen op. De uitbreiding van de Unie met tien landen nu en nog eens twee arme landen (Bulgarije en Roemenië) in 2007 doet alle begrotingsposten aanzienlijk stijgen. En ook de arme streken in de huidige Unie moeten nog steun behouden. De steunfondsen groeien met 33 procent.

Er ligt ook veel nadruk op de ambitie die de regeringsleiders zich in 2000 oplegden: namelijk tegen 2010 de meest performante kenniseconomie ter wereld zijn. Die zogenaamde ,,Lissabon-doelstelling'' zal volgens de Commissie een verviervoudiging noodzakelijk maken van de uitgaven voor ,,groei en werkgelegenheid''. Uitgaven voor wetenschappelijk onderzoek en ontwikkeling - het budget van de Belgische commissaris Philippe Busquin - zullen met 200 procent stijgen tegen 2013. Busquin toonde zich daarover gisteravond bijzonder tevreden.

De uitgaven voor landbouw, die al vastliggen sedert oktober 2002, blijven bijna constant. Het aandeel van landbouw in de EU-begroting daalt van bijna de helft nu tot minder dan veertig procent.

Volgens een akkoord van 1999 mogen de werkelijke uitgaven van de Unie jaarlijks niet hoger zijn dan 1,24 procent van het bnp van de Unie. De Commisse mikt jaarlijks op ongeveer 1,15 procent, met een piek in 2008: 1,23 procent, nodig om de toetreding van Bulgarije en Roemeniê te betalen.

Opvallend is nog dat de Commissie de moeilijke discussies over bijvoorbeeld een eigen EU-belasting of een algemeen ,,correctiemechanisme'' voor landen die méér geven aan de Unie dan ze ervan krijgen, doorschuift naar de zomer.

(bb)