OOSTENDE _ Zo'n 38 matrozen in dienst van de Vlaamse overheid hebben het scheepvaartverkeer naar de Vlaamse havens drie uur lang gestremd. Een oud zeer over verloning ligt aan de basis van de staking.

Ruim drie uur lang bracht het varend personeel van de Vlaamse vloot geen loodsen aan boord van zeeschepen die op weg waren naar een van de Vlaamse havens. Zo'n 20 schepen liepen vertraging op.

De actie ging uit van de socialistische overheidsvakbond ACOD. De christelijke vakbond deed niet mee. De ACOD waarschuwde pas vrijdag dat er stiptheidsacties op til waren. Dinsdagmorgen verhardden de matrozen plots hun actie en legden ze het werk neer.

Hun ongenoegen is te wijten aan een verschil in verloning van matrozen aan boord van een kotter die voor de Belgische kust ter hoogte van Oostende ligt en het personeel dat de loodsboten bemant die vanuit Vlissingen opereren. Hun beider opdracht is telkens om loodsen aan boord van zeeschepen te brengen, maar volgens ACOD-verantwoordelijke Ronny Vande Winkel krijgt het personeel van de kotter maandelijks 250 euro minder voor hetzelfde werk. Het ACOD wil dat die vergoeding wordt bijgepast.

Jacques D'Have, bij de Vlaamse overheid verantwoordelijk voor het Loodswezen, erkent het verschil in verloning en omschrijft het als een oud zeer.

Nadat de top van het Vlaamse Loodswezen beloofde om tegen vandaag een concreet voorstel te doen, besloten de Vlaamse matrozen hun staking op te heffen. Bij het Loodswezen is alvast te horen dat ze wellicht geen andere keuze hebben, dan in te stemmen met de eisen van het personeel.,,We staan met de rug tegen de muur'', is daar te horen.

Vande Winkel van het ACOD wijst er dan weer op dat al half juli 2001 door de Vlaamse administratie van Waterwegen en Zeewezen beloofd werd op korte termijn onderhandelingen te beginnen en te onderzoeken hoe het verloningsverschil opgelost kon worden. ,,De mensen zijn het wachten beu'', stelt hij.